Er zit een gat tussen “ik ga backpacken” en het moment dat je een ticket koopt. In dat gat zitten twintig tabbladen open: visums, vaccinaties, routes, verzekeringen, een forum waar iemand zegt dat je zeker drie maanden nodig hebt en een ander dat twee weken prima is. En hoe langer je leest, hoe groter het lijkt.
Het valt mee. Zuidoost-Azië is niet voor niets de plek waar zowat iedereen zijn eerste reis maakt: de infrastructuur voor backpackers ligt er al veertig jaar, de hostels zijn goed en goedkoop, het eten is veilig en overal loopt iemand rond die precies hetzelfde doet als jij. Je hoeft geen ervaren reiziger te zijn. Je hoeft alleen te weten in welke volgorde je de dingen regelt.
Dat is wat hieronder staat: acht stappen, van “welk land” tot je eerste ochtend ter plekke. Alles wat je vooraf moet doen staat bovenaan, alles wat kan wachten staat onderaan. En dat laatste is de belangrijkste les van dit stuk: het meeste kan wachten.
Stap 1: kies één land, niet vijf
De verleiding is om alles te willen. Je hebt zes weken en je ziet vijf landen op de kaart die allemaal aan elkaar grenzen, dus waarom niet.
Doe er in het begin één of twee. Elke grensovergang kost je een dag, elk nieuw land kost je een dag om te wennen aan het geld, het vervoer en de taal, en die dagen komen niet van je vakantie af maar van de plekken waar je eigenlijk voor kwam.
Thailand is het meest gebruikte startpunt, en dat is geen toeval: je vliegt er rechtstreeks naartoe, er is meer Engels dan in de buurlanden, de bussen en treinen rijden op tijd en er staat overal een hostel. Wil je liever iets rustigers, dan is Laos klein, traag en vriendelijk. Wil je juist meer prikkels, dan geeft Vietnam je in drie weken bergen, grotten, steden en strand achter elkaar. Cambodja is compact genoeg voor tien dagen en heeft met Angkor het bekendste bezoek van de hele regio. En de Filipijnen zijn adembenemend, maar het varen en vliegen tussen de eilanden maakt het lastiger plannen dan de rest, dus dat is eerder een tweede reis dan een eerste.
Wil je toch meer landen aan elkaar knopen, dan ligt er een route die zichzelf uitlegt: hoe je Thailand, Laos, Vietnam en Cambodja aan elkaar knoopt, inclusief de vier grensovergangen.
Stap 2: kijk eerst naar de maand, dan naar het land
Dit is de enige planningsfout die je achteraf niet meer kunt repareren, en hij gaat over het seizoen.
In Thailand, Laos en Cambodja loopt de beste periode van november tot en met februari: droog, zonnig, en in de bergen ‘s ochtends fris. Op de Filipijnen begint die een maand later en loopt het droge seizoen door tot en met mei. Vietnam is te lang voor één klimaat, dus daar is er in elke maand wel een deel van het land waar het goed weer is.
Sta je vast aan maart of april, dan hoeft dat niets te betekenen voor je plezier, maar draai je route wel om: dat zijn in het noorden van Thailand en Laos de maanden van het brandseizoen. Per land staat het uitgewerkt in wanneer naar Thailand, Vietnam, Laos, Cambodja en de Filipijnen.
Stap 3: hoeveel tijd heb je echt nodig
Voor één land is drie weken de maat waarin het ontspannen wordt. Twee weken kan prima, maar dan schrap je een landsdeel in plaats van dat je overal een dag korter blijft: dat laatste levert alleen maar meer busritten op.
Per land hebben we de route helemaal uitgeschreven, met per plek hoeveel dagen je er nodig hebt en hoe je verder komt:
- Thailand in drie, vier of zes weken, twaalf stops van Bangkok tot de eilanden
- Vietnam in drie, vier of zes weken, veertien stops van noord naar zuid
- Laos in twee, drie of vier weken, acht stops langs de Mekong
- Cambodja in tien dagen tot drie weken, vijf stops van Angkor tot Koh Rong
- De Filipijnen in drie, vier of zes weken, elf eilanden en stops
Heb je precies vier weken en wil je zien wat dat oplevert, dan kun je je route klikken in Mijn Reis: je zet de plekken op volgorde en de planner rekent de dagen en het budget mee.
Stap 4: wat het kost
Reken op ongeveer €25 per dag in Vietnam, Laos en Cambodja, €30 in Thailand en €35 op de Filipijnen. Daar zit je bed in, je eten, je drinken en het vervoer tussen de plekken. Een hostelbed kost €6 tot €10, een bord eten op straat €1,50 tot €3 en een biertje €1 tot €2.
Dat betekent dat drie weken Thailand op ongeveer €600 uitkomt aan reiskosten ter plekke, zonder je vlucht en zonder de tours die je onderweg boekt. Wat je per plek precies kwijt bent, met het verschil tussen het goedkoopste en het duurste stukje van elk land, staat in wat kost backpacken in Thailand, Vietnam, Laos, Cambodja en op de Filipijnen.
Neem daarbovenop een reserve mee die je niet aanraakt. Een gemiste boot, een dokter, een vlucht die je eerder wilt pakken: dat komt bij iedereen een keer voor en het is een stuk minder erg als het gewoon op je rekening staat.
Stap 5: de vijf dingen die je vooraf regelt
Dit is de hele lijst. Meer is het niet.
- Je paspoort moet bij aankomst nog minstens zes maanden geldig zijn. Kijk daar vandaag even naar, want een nieuw paspoort aanvragen kost weken en dat is de enige stap met een echte wachttijd.
- Je visum, of de bevestiging dat je er geen nodig hebt. Dat verschilt per land en per paspoort, en het verandert regelmatig. Op onze visumpagina kies je je paspoort en zie je per land wat er geldt en waar je het aanvraagt.
- Je vaccinaties. Voor Zuidoost-Azië gaat het meestal om een handvol prikken die je bij de GGD of een reiskliniek haalt. Sommige series lopen over weken, dus dit is de tweede stap met een wachttijd: welke vaccinaties je nodig hebt.
- Je reisverzekering. Kijk vooral of scooterrijden en duiken meeverzekerd zijn, want dat zijn precies de twee dingen die je daar gaat doen en die er standaard vaak buiten vallen: zo kies je een reisverzekering.
- Je geld. Een pas waarmee je zonder rare kosten kunt pinnen scheelt over een hele reis tientallen euro’s, en je wilt er twee bij je hebben zodat je niet stilvalt als er één slikt: pinnen en betalen in Azië.
Twee dingen die er soms nog bij komen: een eSIM zodat je met internet aankomt in plaats van dat je op het vliegveld naar een simkaart staat te zoeken (hoe je die kiest), en een doorreisticket als de grens daarom vraagt, wat op de heenreis bij de incheckbalie al gecontroleerd kan worden (hoe je dat oplost).
Stap 6: pak je rugzak halfleeg
Iedereen neemt de eerste keer te veel mee. Dat komt niet doordat je slecht kunt inpakken, maar doordat je vanuit Nederland probeert te bedenken wat je over drie maanden nodig hebt in een land waar je nooit bent geweest.
Veertig tot vijftig liter is genoeg. Wat je vergeet koop je daar diezelfde middag, meestal voor minder dan het hier kost. Alleen je papieren, je eigen medicijnen en een paar dingen die op jouw maat aankomen moeten echt uit Nederland mee. De hele lijst, met per onderdeel waarom het meegaat, staat in de paklijst voor Zuidoost-Azië.
Stap 7: boek alleen je eerste nachten
Dit is waar eerste reizen het vaakst vastlopen: mensen boeken thuis de hele reis vast, en staan dan in week twee op een plek waar ze weg willen terwijl er nog drie nachten betaald zijn. Of ze horen van een eiland waar iedereen het over heeft en kunnen niet meer schuiven.
Boek je eerste twee of drie nachten, en verder niets. Slaapplekken zijn er genoeg, je boekt ze onderweg een dag of twee vooruit vanaf je telefoon, en dan kies je op basis van wat je inmiddels weet in plaats van wat je thuis dacht. Alleen rond kerst, oud en nieuw en Chinees Nieuwjaar is het slim om verder vooruit te boeken.
Waar je in elke plaats terechtkunt staat op de bestemmingspagina’s zelf: per plek staan er hostels met hun beoordeling, zodat je niet in het wilde weg zit te zoeken.
Land je zoals de meeste backpackers in Bangkok, dan is dit het eerste hostel op onze pagina over de stad:
Stap 8: je eerste dag
Je komt aan, waarschijnlijk vroeg in de ochtend en waarschijnlijk gesloopt. Vier dingen en dan mag je gaan slapen:
- Pin geld op het vliegveld, maar alleen een klein bedrag om de eerste dag door te komen. Kies bij de automaat altijd de wisselkoers van je eigen bank, nooit die van de automaat zelf: dat scheelt een paar procent, elke keer opnieuw.
- Zet je internet aan, of koop een lokale simkaart in de aankomsthal.
- Neem een taxi met meter of gewoon een Grab. In vrijwel elke stad in de regio werkt Grab, je ziet de prijs vooraf en er valt niets te onderhandelen.
- Plan de eerste dag leeg. Geen tempel, geen tour, geen nachtbus. Je bent er, dat is genoeg.
Vanaf dag twee gaat het vanzelf. Dat is niet aanmoediging maar gewoon hoe het werkt: alles wat je van tevoren ingewikkeld vond (bussen boeken, hostels vinden, eten bestellen, de grens over) blijkt ter plekke iets wat je binnen een week zonder nadenken doet, omdat je het elke dag doet en omdat je het van de mensen om je heen afkijkt.
Wat iedereen de eerste keer anders inschat
Drie dingen, en ze gaan alle drie over tempo.
Je plant te veel plekken. Op papier lijkt twee nachten per stad genoeg. In de praktijk gaat er van elke twee nachten een halve dag op aan aankomen en een halve aan vertrekken, en zie je van die stad vooral het busstation. Drie nachten op de plekken die je echt wilt zien levert meer op dan vijf steden afvinken.
Je onderschat de reistijd. Een busrit van 300 kilometer duurt hier geen drie uur. Bekijk per traject wat het echt kost aan tijd; dat staat op de bestemmingspagina’s bij elke plek.
Je denkt dat je alles moet zien. Dat hoeft niet, en het mooie is: je komt terug. Bijna iedereen die deze reis doet, doet hem nog een keer.
Is het verstandig om de eerste keer met een groepsreis te gaan?
Het kan, en voor sommige mensen is het precies de goede opstap. Maar voor Zuidoost-Azië heb je het meestal niet nodig, en dat is een eerlijker antwoord dan het klinkt. Dit is de makkelijkste regio ter wereld om zelf te doen: de route ligt er, de hostels zitten vol met mensen die net zo nieuw zijn als jij, en het vervoer boek je ter plekke aan de balie of vanaf je telefoon. Wat een groepsreis je bespaart is een paar uur uitzoekwerk per week; wat het je kost is de vrijheid om ergens langer te blijven omdat het bevalt, en dat is nou net waar deze reis om draait.
Zit je vooral met het idee dat je in je eentje vertrekt, dan is dat een andere vraag dan of je het zelf kunt organiseren. Daar hebben we een apart stuk over: alleen reizen door Zuidoost-Azië.




