Reizen door de Filipijnen vraagt meer planning dan in de rest van Zuidoost-Azië, en dat komt door één ding: water. Het land bestaat uit meer dan 7.000 eilanden, dus je maakt bijna altijd een combinatie van binnenlandse vluchten, ferry’s en busverbindingen. Wie de eilanden als een lijstje behandelt, verliest dagen aan boten die niet varen en vluchten die vol zitten.
Juist dat eilandhoppen maakt een reis hier zo bijzonder. De verplaatsingen horen bij de ervaring: de bangka die je ‘s ochtends bij het strand ophaalt, de van over de onverharde weg naar Port Barton, de propellervlucht naar Siargao. Het gaat minder snel dan in Thailand, en dat is precies waar je voor komt.
Hieronder per vervoermiddel wat het doet, wat het kost en waar het vaak misgaat, plus hoe je in de steden en op de eilanden zelf rondkomt. De hele route langs elf eilanden, met per stop de oversteek naar de volgende, staat in onze routeblog van de Filipijnen.
Vliegen: de snelste optie tussen de eilandgroepen
Voor de grote sprongen vlieg je. Manila, Cebu, Puerto Princesa, Coron, Caticlan en Siargao liggen allemaal op één tot twee uur van elkaar, en wie ruim van tevoren boekt betaalt het minst. Vanuit Manila ben je in anderhalf uur in Puerto Princesa, in een uur in Coron, Cebu of Caticlan, in anderhalf uur op Bohol en in twee uur op Siargao. Vanuit Cebu vlieg je in een uur naar Siargao of Coron, en in anderhalf uur naar Puerto Princesa.
Niet elk vliegveld ligt even handig. In Puerto Princesa land je midden in de stad, tien minuten van het centrum. Op Bohol land je op Panglao en zit je meteen op het juiste eiland. Het vliegveld van Coron ligt dertig kilometer buiten het dorp, ongeveer een uur met een gedeelde van. Ook op Siargao is het vanaf Sayak nog een uur naar General Luna. El Nido heeft een eigen vliegveldje, Lio, met rechtstreekse vluchten vanuit Manila en Cebu, maar daar betaal je al snel het viervoudige van de bus. En Boracay heeft geen vliegveld: je landt op Caticlan of Kalibo op het buureiland Panay en steekt over met de boot.
Op Manila zelf: de vier terminals van NAIA liggen ver uit elkaar, dus check vooraf welke je nodig hebt. Met Grab zit je voor een euro of vijf in het centrum, maar reken in de spits op een uur of meer.
Ons oordeel: vliegen tussen de eilandgroepen, en ruim vooruit boeken zodra je data vaststaan, want de toestellen naar Siargao zijn klein en zitten snel vol
Ferry’s: tussen de eilanden binnen een groep
Waar de eilanden dicht bij elkaar liggen, doet de boot het werk. De snelboot van Cebu City naar Bohol vaart in twee uur, meerdere keren per dag. Van Dumaguete op Negros ben je in een uur op Siquijor, ook meerdere keren per dag, en van Siquijor naar Bohol in ongeveer twee uur, maar met minder afvaarten, dus plan die vooruit. Tussen El Nido en Coron vaart de snelboot in ongeveer vier uur, niet elke dag en in het regenseizoen soms helemaal niet: check de dienstregeling voordat je je nachten vastlegt.
Naar Malapascua vaar je vanaf Maya, aan de noordpunt van Cebu, in dertig minuten, of bij laag water met een kleinere boot vanaf het strand. Naar Boracay is het tien minuten vanaf Caticlan. En vanaf Surigao op Mindanao vaar je in drie uur naar Dapa op Siargao, wat ook je terugvaloptie is als de vluchten geschrapt worden.
De grote veerboten naar de Visayas vanuit Manila bestaan ook, maar die zijn traag: reken op dagen in plaats van uren.
Ons oordeel: de ferry voor Bohol, Siquijor en Malapascua, en bij ruwe zee de avond ervoor vragen of hij echt vaart
Bangka’s: het eilandhoppen zelf
De bangka is de houten boot met uitleggers die je op elke foto van de Filipijnen ziet, en het is het vervoermiddel van het eilandhoppen. Ze varen de dagtochten in El Nido en Coron, de eilandtocht met de schildpadden in Port Barton, de boottochten rond Boracay en Bohol, en ze brengen je in tien minuten van Caticlan naar Boracay en in een dag naar de eilanden ten zuiden van Coron.
Vraag voor vertrek altijd hoeveel mensen er meegaan en of er genoeg zwemvesten aan boord zijn, want de goedkoopste tour is vaak de volste. Bij wind blijft een bangka aan de kant, en in het regenseizoen houdt de kustwacht in El Nido soms een dag of twee alle boten aan wal. Neem water en zonnebrand mee, want er is nergens schaduw.
Ons oordeel: de bangka is de reden dat je hier bent, maar boek nooit de laatste dag voor een vlucht een boottocht
Over land: vans, bussen en de weg naar Port Barton
Op de grotere eilanden rijd je over land. Op Palawan doet de van er vanuit Puerto Princesa ongeveer drie uur over naar Port Barton en vijf tot zes uur naar El Nido, allebei vanaf de San Jose-terminal buiten het centrum. De vans vertrekken ‘s ochtends en de laatste gaat in de middag, dus ga er niet vanuit dat je ‘s avonds nog weg kunt. Naar Port Barton zijn de laatste twintig kilometer deels onverhard, en de vans rijden maar één of twee keer per dag: regel je vertrek de avond ervoor.
Op Cebu vertrekt de bus naar Moalboal bij de South Bus Terminal in Cebu City, ongeveer drie uur voor een paar euro, en naar Maya voor Malapascua vanaf de North Bus Terminal in ongeveer vier uur. Die laatste rit kost samen met de boot een hele dag, dus vertrek vroeg genoeg om niet in het donker aan te komen. Reken op een paar euro voor een busrit en ongeveer 10 euro voor een boottocht.
Ons oordeel: de van op Palawan is prima, zolang je de vertrektijden de avond ervoor checkt
In de dorpen en steden: tricycle, jeepney en Grab
In de dorpen en op de eilanden neem je een tricycle, de motor met zijspan, vanaf ongeveer 30 tot 50 cent voor korte ritjes. Op Boracay zijn gewone voertuigen verboden en rijd je met een elektrische trike voor ongeveer een euro per rit. In Manila is Grab het makkelijkst, omdat je de prijs vooraf weet. De jeepney is met ongeveer 20 cent per rit veruit het goedkoopst, en de LRT en MRT zijn het snelst, al zijn ze in de spits stampvol. Houd in de jeepney en de trein je telefoon in je zak.
Voor de omgeving huur je een scooter, vanaf ongeveer 6 tot 7 euro per dag. Op Siquijor is dat de manier om de ringweg van 102 kilometer te rijden, op Bohol zijn Panglao en het hoofdeiland met een brug verbonden, en op Siargao gaat alles met de scooter. Neem je internationale rijbewijs mee, houd je helm op, maak foto’s van de scooter voordat je wegrijdt en rijd in het donker niet de zandwegen op. Op Malapascua en in Port Barton heb je niets nodig: het eiland loop je in een uur over en het dorp in tien minuten door.
Ons oordeel: tricycle voor de korte ritjes, scooter voor de eilanden met een weg, en Grab in Manila
De tyfoon en de dag speling
Dit is de regel die alles hierboven overstijgt. Van juni tot en met november is het regenseizoen met kans op tropische stormen, en bij een tyfoon worden binnenlandse vluchten massaal geschrapt en blijven boten dagen aan de kant. Plan daarom nooit een strakke aansluiting op je internationale vlucht, houd voor elke oversteek een dag speling, en reis je in juli tot en met oktober, plan dan altijd een dag speling in voordat je uit Manila vertrekt. Wanneer je het best gaat, en waarom Siargao een ander seizoen heeft, staat in onze gids over het tyfoonseizoen.
Zo boek je het
Twee dingen die de reisdagen makkelijker maken. Neem overal meer contant geld mee dan je denkt nodig te hebben, want in Port Barton staat geen automaat en op Malapascua en in Coron zijn ze vaak leeg. En pin in Puerto Princesa voordat je Palawan op gaat.
Vliegen of varen: wat kies je tussen de eilanden?
Vliegen tussen de eilandgroepen, varen erbinnen. Palawan, de Visayas en Siargao verbind je door de lucht, want de veerboten daartussen kosten dagen. Binnen Palawan rijd je met de van en vaar je tussen El Nido en Coron. Binnen de Visayas doet de snelboot het werk: Cebu naar Bohol, Dumaguete naar Siquijor, Maya naar Malapascua.
En kies bij twijfel de optie met de meeste afvaarten. Een boot die vier keer per dag vaart, vaart morgen ook nog. Een boot die twee keer per week gaat, of een vlucht op een klein toestel in het tyfoonseizoen, is precies waar je een dag speling voor inbouwt.



