Vietnam lijkt op de kaart smal, maar het is 1.650 kilometer lang en de afstanden zijn groter dan veel reizigers verwachten. Van Hanoi naar Hue zit je dertien uur in de trein, van Hoi An naar Da Lat veertien uur in de bus. Wie dat overdag doet, verliest een kwart van zijn reis aan uit het raam kijken.
Het goede nieuws: bijna elk lang stuk kun je ‘s nachts doen. Vietnam heeft slaapbussen tussen vrijwel alle stops, een nachttrein over de hele lengte van het land en goedkope binnenlandse vluchten voor de grote sprongen. De kunst is weten welke je waar neemt.
Hieronder per vervoermiddel wat het doet, wat het kost en waar het wint, plus hoe je in de steden zelf rondkomt. De hele route van noord naar zuid, met per stop het vervoer naar de volgende, staat in onze routeblog van Vietnam.
De nachttrein: slapend over de hele lengte van het land
De trein loopt van Hanoi tot Saigon en stopt onderweg bij bijna elke stad op je route. Je boekt een slaapcabine, stapt ‘s avonds in en wordt wakker in een andere stad. Dat is comfortabeler dan de bus: je ligt plat, je kunt rondlopen en je hebt een raam waar je ‘s ochtends echt iets door ziet.
De grote lijn
Vanuit Hanoi is Ninh Binh de eerste stop, twee tot tweeënhalf uur voor een paar euro. Verder naar het zuiden doe je Hue in dertien uur en Da Nang in zestien, en die twee laten zich prima als nachtrit doen. Vanuit Saigon rijdt de trein ‘s nachts in ongeveer acht uur naar Nha Trang, en vanuit Da Nang is Nha Trang tien uur. Voor Phong Nha stap je uit in Dong Hoi, drie kwartier van het dorp, en voor Mui Ne in Phan Thiet, met daarna een half uur bus naar de kust.
De mooiste rit: over de Hai Van-pas
Tussen Hue en Da Nang klimt de trein in drie uur over de Hai Van-pas, langs de kust, en dat is een van de fraaiste treinritten van Azië. Doe dit stuk overdag, ook al is het maar drie uur, want dit is precies het stuk dat je niet wilt verslapen. Wie het bijzonderder wil, rijdt dezelfde pas achterop bij een Easy Rider en is er een hele dag mee bezig.
Naar Sapa
Naar Sapa rijdt de nachttrein naar Lao Cai, ongeveer acht uur, met daarna een uur bus omhoog de bergen in. Comfortabeler dan de slaapbus, die er zes uur over doet, maar wel een overstap.
Ons oordeel: de nachttrein voor de lange stukken vanuit Hanoi naar Hue en Da Nang, en de rit over de Hai Van-pas altijd overdag
De slaapbus: goedkoop, overal en ‘s nachts
De slaapbus is het werkpaard van Vietnam. Hij rijdt tussen vrijwel alle stops op de route, kost rond de tien euro, vertrekt ‘s avonds en zet je ‘s ochtends vroeg af. Je ligt in een halfliggende stoel in twee of drie rijen, en je slaapt er minder diep dan in de trein, maar je bespaart een hotelnacht en een reisdag tegelijk.
Het noorden: Sapa, Ha Giang en Cat Ba
De slaapbus naar Sapa vertrekt rond tien uur ‘s avonds uit Hanoi en zet je rond zes uur ‘s ochtends af. Naar Ha Giang is het zes tot zeven uur en sta je rond een uur of vijf voor het hostel dat je tour regelt, waarna je meestal kunt doorslapen tot het ontbijt. Tussen Sapa en Ha Giang rijdt een lokale bus in ongeveer zes uur via Lao Cai, zodat je niet terug hoeft naar Hanoi. Naar Cat Ba neem je een combiticket: bus naar Hai Phong, boot naar het eiland en een busje naar Cat Ba Town, ongeveer vier uur in totaal, en vanaf Cat Ba reis je met een doorgaand ticket voor bus en boot in zes uur door naar Ninh Binh.
Langs de kust
Vanuit Ninh Binh rijdt de nachtbus in ongeveer acht uur naar Phong Nha, vanuit Hanoi in negen. Phong Nha naar Hue is vier uur, Hue naar Hoi An drieënhalf. Vanuit Hoi An vertrekken ‘s avonds de bussen naar Nha Trang, ongeveer elf uur, en rechtstreeks naar Da Lat, ongeveer veertien uur, waarmee je de hele kust in één nacht overslaat.
De bergen in en het zuiden
Nha Trang naar Da Lat is vier uur door de bergen omhoog, een van de mooiste busritten van het land, en niet fijn als je snel wagenziek wordt. Da Lat naar Mui Ne is vier uur naar beneden, Mui Ne naar Saigon vijf uur, Da Lat naar Saigon zeven en Nha Trang naar Saigon negen. Al deze bussen vertrekken ‘s avonds, dus je laatste dag op een plek is meestal gewoon een hele dag.
Ons oordeel: de slaapbus voor alles wat de trein niet doet, en vooral in het noorden en tussen Hoi An en Da Lat
Vliegen: de grote sprongen
Binnenlandse vluchten zijn betaalbaar en ideaal voor de afstanden waar zelfs een nacht niet genoeg voor is. Hanoi naar Da Nang duurt een uur, Hanoi naar Saigon twee uur, Saigon naar Phu Quoc drie kwartier en vaak voor minder dan dertig euro, Hanoi naar Phu Quoc twee uur. Heb je weinig tijd, dan is dit de manier om het noorden en het zuiden in één reis te doen zonder een week in bussen te zitten.
De vliegvelden liggen niet allemaal even handig. Da Nang heeft het zijne op twee kilometer van het centrum, tien minuten met Grab. Noi Bai bij Hanoi ligt 35 kilometer buiten de stad: met Grab ben je er in drie kwartier voor een euro of tien, met de minibus van Vietnam Airlines voor twee euro. Tan Son Nhat bij Saigon ligt op zeven kilometer van District 1, een half uur met Grab voor vijf tot zeven euro of bus 109 voor minder dan een euro. Da Lat, Nha Trang en Hue hebben kleinere vliegvelden op een half uur tot een uur van de stad.
Ons oordeel: vliegen tussen Hanoi en het midden of het zuiden als je minder dan drie weken hebt, en altijd naar Phu Quoc
Boten: Cat Ba, de baai en Phu Quoc
Cat Ba bereik je via het combiticket hierboven, met een overtocht van ongeveer 45 minuten vanaf Hai Phong. Check bij storm altijd of de boten varen voordat je vertrekt, en houd in het stormseizoen een dag speling aan, want gaat je boottocht niet door, dan schuift je hele planning op. Vanaf het eiland varen dagelijks boten naar Ha Long City.
Phu Quoc bereik je goedkoper dan met het vliegtuig per snelboot vanaf de zuidwestkust: vanuit Ha Tien in ongeveer anderhalf uur, vanuit Rach Gia in tweeënhalf. In het regenseizoen kan de zee flink tekeergaan. Reis je door naar Cambodja, dan vaar je terug naar Ha Tien en steek je de grens over.
Ons oordeel: de boot naar Cat Ba is een vast onderdeel van de route, de boot naar Phu Quoc alleen als je toch al in het zuidwesten zit
In de stad: Grab, de metro en lopen
In de steden is Grab koning. Je ziet de prijs vooraf, hoeft niet te onderhandelen en voor korte ritjes neem je een Grab-scooter, meestal minder dan anderhalve euro. Stap niet in bij een chauffeur die op de luchthaven naar je toe komt lopen, en laat in een gewone taxi de meter aanzetten. In Saigon rijdt sinds eind 2024 metrolijn 1 van Ben Thanh naar Suoi Tien, met kaartjes vanaf een kwartje.
Lopen doe je waar het kan. De Old Quarter van Hanoi verken je te voet, anders mis je precies waarvoor je komt, en de oude stad van Hoi An is autovrij. Daar huur je een fiets voor ongeveer twee euro per dag, net als in Ninh Binh, waar een fiets volstaat voor de rondjes rond Tam Coc. In Hue is de stad vlak genoeg om te fietsen, en in Sapa en Phong Nha loop je het dorp in tien minuten door.
Voor de omgeving huur je een scooter, vanaf ongeveer vier tot zes euro per dag. In Hanoi en Saigon zelf is dat geen goed idee als je weinig ervaring hebt, want het verkeer is daar onvoorspelbaarder dan waar dan ook in Vietnam. Draag altijd een helm, geef je paspoort nooit af als borg en check of je verzekering scooterrijden dekt. Wat de wet zegt over je rijbewijs staat in onze gids over regels en cultuur in Vietnam.
Ons oordeel: Grab in de grote steden, een fiets in Hoi An en Ninh Binh, en een scooter alleen buiten de stad
De Easy Rider: achterop door de bergen
Voor de mooiste stukken van Vietnam is er nog een optie: achterop bij een lokale chauffeur die de wegen dagelijks rijdt. Op de Ha Giang Loop is dat voor de meeste backpackers de juiste keuze, voor zo’n 45 euro per dag all-in. Over de Hai Van-pas tussen Hue en Hoi An is het een hele dag. En vanuit Da Lat rijd je zo een meerdaagse tocht door de bergen. Je laat je grote bagage achter en neemt alleen mee wat op de scooter past. Hoe dat werkt op de loop staat in de reisgids van de Ha Giang Loop.
Ons oordeel: de Easy Rider op de Ha Giang Loop, tenzij je honderden kilometers ervaring hebt op bergwegen
Zo boek je het
De meeste hostels regelen je slaapbus en halen je op bij de deur. Wil je vooraf vergelijken, of een nachttrein met een slaapcabine vastleggen, dan doe je dat op één plek.
Vier dingen die de reisdagen makkelijker maken. Boek de nachttrein naar Hue en Da Nang een paar dagen vooruit, want de slaapcabines zijn beperkt. Neem in de slaapbus een trui mee, want de airco staat koud. Houd in het stormseizoen een dag speling aan bij elke boot. En kom je van buiten Vietnam binnen, dan vul je vooraf het digitale aankomstformulier in als je via Hanoi, Saigon, Da Nang of Phu Quoc aankomt, en moet je een retour- of doorreisticket kunnen laten zien. Wat er voor jouw paspoort geldt staat in ons visumoverzicht, en het uitreisticket leggen we apart uit.
Nachttrein of slaapbus: wat kies je?
De trein waar hij rijdt, de bus waar hij niet rijdt. Op de lange stukken vanuit Hanoi naar Hue en Da Nang, en vanuit Saigon naar Nha Trang, slaap je in de trein beter en kom je uitgerust aan. De bus wint overal waar geen spoor ligt: naar Sapa, Ha Giang en Cat Ba in het noorden, naar Phong Nha, en op de sprong van Hoi An naar Da Lat waarmee je de hele kust in één nacht overslaat.
Heb je minder dan drie weken, vlieg dan één keer, tussen Hanoi en het midden of het zuiden. Dat scheelt een volle dag en kost vaak minder dan dertig euro. En doe hoe dan ook één stuk overdag: de drie uur over de Hai Van-pas tussen Hue en Da Nang. Dat is de rit waarvoor je de rest van het land ‘s nachts hebt gedaan.



