Eén weg, wat lodges en heel veel bos: meer is Sepilok niet, op een half uur van Sandakan. Toch staat het op de route van bijna elke reiziger in Sabah. De reden hangt in de bomen. Twee keer per dag loopt een ranger met fruit naar een houten platform aan de rand van het bos, en dan wacht je in stilte tot er ergens een tak doorbuigt.
Al sinds 1964 vangt het centrum hier orang-oetans op: jongen die hun moeder verloren en dieren die als huisdier opgroeiden. Ze leren er stap voor stap weer hoe het bos werkt. Wie naar het platform komt, komt uit zichzelf. Daardoor is geen voedering hetzelfde: de ene keer zitten er drie, de andere keer geen een.
Steek je het pad over, dan sta je bij de opvang voor zonneberen, de kleinste beren ter wereld. En een stukje verder loop je op vijfentwintig meter hoogte over een brug tussen de kruinen van de bomen. Alles ligt op loopafstand van elkaar, en dat maakt Sepilok een korte, volle stop: de meeste backpackers blijven een of twee nachten.
Reken op ongeveer €30 per dag, en daar zitten de entrees van het opvangcentrum en de zonneberen al in. Een bed kost vanaf €9 en een maaltijd rond €2,50. Maart tot en met oktober is de beste tijd, november tot en met februari de natste. Maar het platform is overdekt, dus een bui houdt je niet bij de orang-oetans weg.
Waar staat Sepilok om bekend?
Sepilok staat bekend om de orang-oetans, en daar draait ook bijna alles om. Toch krijg je hier in één dag veel meer jungle mee dan alleen het voerplatform.
Het Sepilok Orangutan Rehabilitation Centre is het hart van het dorp. Een houten pad brengt je door het bos naar het voerplatform, met voedering om 10:00 en om 15:00. Achter glas in de kraamkamer zie je de kleinste orang-oetans hun eerste klimpogingen doen. De entree is ongeveer €6, contant, en je kaartje is de hele dag geldig.
Recht tegenover ligt het Bornean Sun Bear Conservation Centre. Een zonnebeer is klein en zwart, met een gele vlek op zijn borst en een tong die lang genoeg is om honing uit een boomstam te likken. Vanaf de uitkijkplatforms kijk je hoe ze klimmen en met elkaar stoeien.
Het Rainforest Discovery Centre maakt het rijtje af. Je wandelt er langs een meer, klimt op uitkijktorens en loopt over de brug door de boomkruinen, op ooghoogte met neushoornvogels en eekhoorns. Als het donker wordt, vertrekt hier ook een nachtwandeling met gids.
En Sepilok is de opstap naar de Kinabatangan. De lodges aan die rivier halen je hier op, en twee uur later zit je in een bootje tussen de neusapen.
Hoeveel dagen heb je nodig in Sepilok?
Voor Sepilok raden we 1 tot 2 dagen aan. Alles ligt dicht bij elkaar, dus je verliest hier geen tijd aan reizen.
1 dag: genoeg voor de kern. De voedering van tien uur, de kraamkamer, de zonneberen in de middagpauze, om drie uur terug naar het platform en ‘s avonds de nachtwandeling. Dat is een volle dag, maar wel een die klopt.
2 dagen: wat ons betreft het fijnst. Je doet dag één precies zo, en begint dag twee vroeg op de loopbrug van het Rainforest Discovery Centre, als de vogels het actiefst zijn. Na de lunch pak je een Grab naar Sandakan, voor het oorlogsmonument en een wandeling langs het water.
Plan je tweede nacht zo dat je de ochtend erna direct door kunt naar de Kinabatangan. De transfer vertrekt ‘s ochtends, dus ga op tijd slapen.
Wat is de beste plek om te verblijven in Sepilok?
Er zijn hier eigenlijk twee keuzes: in het dorp zelf, tussen de bomen, of in de stad een half uur verderop.
Sepilok zelf: voor bijna iedereen Langs de weg naar het opvangcentrum staan de hostels tussen de bomen, en naar de orang-oetans, de zonneberen en het Rainforest Discovery Centre wandel je gewoon. De vogels zijn je wekker, en je bent om half tien al rustig bij het platform. Als het donker is, hoor je de jungle om je kamer heen.
Sandakan: voor een late aankomst of een avond stad Sandakan is een havenstad met het oorlogsmonument, koloniale huizen op de heuvel en verse vis aan de waterkant. Fijn voor een middag of als je bus pas in het donker aankomt. Voor de dieren zit je er wel een half uur rijden vandaan, en dat merk je als je twee voederingen wilt halen.
Heb je één nacht, kies dan voor het dorp. Zo zie je de voedering van ‘s ochtends en die van ‘s middags zonder tussendoor op en neer te rijden.
Welke plek raden wij backpackers aan?
Wij zouden in Sepilok zelf slapen, zo dicht mogelijk bij het bos. Op onze bestemmingspagina staan drie adressen, elk voor een ander soort reiziger.
Wil je iets bijzonders, ga dan naar Paganakan Dii Tropical Retreat. In het Kadazan-Dusun betekent die naam “de familie”. Je slaapt er in een longhouse op palen, met gaas in plaats van muren, dus de frisse lucht en alle bosgeluiden waaien zo naar binnen. Het paviljoen bovenop de heuvel geeft je uitzicht over kilometers regenwoud.
Wil je zo kort mogelijk lopen, kies dan Tanini Sepilok, dat eerder Nature Lodge Sepilok heette. Naar het opvangcentrum is het 1,2 kilometer, naar het Rainforest Discovery Centre 800 meter. Je slaapt in een dorm van acht bedden, met airco aan in de avond en de nacht.
Stopt je bus pas laat, of heb je zin in een avond in de stad, neem dan Sandakan Backpackers Hostel. Je zit in hartje Sandakan, met de markt en het water om de hoek, en een Grab naar Sepilok kost je maar een paar euro.
Wat kun je doen in Sepilok?
In Sepilok kijk je vooral naar dieren: orang-oetans op het voerplatform, zonneberen aan de overkant van het pad, neushoornvogels vanaf de loopbrug en ‘s avonds alles wat in het donker wakker wordt. Met een middag Sandakan erbij heb je ook een stuk oorlogsgeschiedenis gezien.
Hoe je die dag het beste indeelt en wat je echt niet moet missen, lees je in de highlights van Sepilok.
Hoe kom je in Sepilok?
Doordat het dorp aan de weg van Sandakan naar Kota Kinabalu ligt, een half uur van de stad, heb je twee makkelijke opties.
De bus van Kota Kinabalu naar Sandakan zet je na zes tot acht uur af bij de afslag naar Sepilok. Het laatste stuk is een paar kilometer: vraag je hostel om een lift of neem een Grab. Sneller is vliegen: in een uur ben je in Sandakan, en het vliegveld ligt tussen de stad en Sepilok in.
Eenmaal in Sepilok doe je alles lopend, want de orang-oetans, de beren en het Rainforest Discovery Centre zitten dicht bij elkaar. Moet je naar Sandakan of het vliegveld, dan rijdt Grab je er in ongeveer een half uur heen, vanaf €7.
En daarna? Vrijwel elke lodge aan de Kinabatangan komt je in Sepilok of Sandakan ophalen, meestal zit dat al in het pakket, en na zo’n twee uur rijden ben je aan de rivier. Wil je direct door naar Semporna, neem dan de ochtendbus uit Sandakan: rechtstreeks, ongeveer zes uur, rond de €11.
Is Sepilok een bezoek waard?
Zeker, en ook als je daarna naar de Kinabatangan gaat. Het zijn twee kanten van hetzelfde verhaal. In Sepilok sta je een paar meter van een orang-oetan af, op de rivier spot je ze vanuit een bootje tussen de andere dieren, volledig wild.
Weet wel dat niets gegarandeerd is. Niemand houdt de orang-oetans vast: ze zwerven door het bos en verschijnen pas als hun maag erom vraagt. In een tijd met veel fruit in de bomen zie je er dus minder. Twee voederingen geven je een veel betere kans, en precies daarom loont het om een nacht in het dorp te blijven.
De regels gaan hier over de dieren. Raak een orang-oetan nooit aan en voer hem niet, ook niet als hij dichtbij komt. Neem geen eten of drinken mee naar het platform, fotografeer zonder flits en blijf weg als je verkouden bent, want orang-oetans kunnen het van je krijgen. En let op je tas en je zonnebril, want de makaken rond het centrum zijn er zo mee vandoor. Voor Sepilok en Sandakan geldt in het Nederlandse reisadvies kleurcode geel. Wil je vanuit Sandakan naar het duikeiland Lankayan, lees dan eerst het actuele advies op nederlandwereldwijd.nl, want dat eiland heeft kleurcode oranje.
Ons advies: koop je kaartje voor de voedering van tien uur en kom om drie uur gewoon terug. Met hetzelfde kaartje kom je de hele dag binnen. In de middag staan er veel minder mensen, en een orang-oetan die je ‘s ochtends miste, laat zich dan nog weleens zien.




