Penang, Maleisië

Penang: alles wat je moet weten voor je bezoek

Reisgids 8 min lezen
Penang: alles wat je moet weten voor je bezoek

Penang is een eiland voor de westkust van Maleisië, maar als backpackers het over Penang hebben bedoelen ze bijna altijd George Town. Die hoofdstad op de noordoostpunt van het eiland staat sinds 2008 op de Unesco-werelderfgoedlijst, en je slaapt, eet en wandelt er vrijwel al je dagen.

Je komt hier niet voor een strand of een feest. Je komt voor je bord. In heel Maleisië geldt Penang als de hoofdstad van het eten, en dat merk je op elke straathoek: Chinese, Maleisische en Indiase kraampjes staan naast elkaar, en een kom asam laksa kost ongeveer anderhalve euro.

Een dag in George Town heeft een vast ritme. ’s Ochtends loop je tussen de pastelkleurige winkelhuizen op zoek naar streetart, midden op de dag vlucht je een koel café in, en zodra de zon zakt gaan de kraampjes open. Wie een dag de stad uit wil, neemt de bus naar Penang Hill of naar het regenwoud van het nationaal park.

Goedkoop is het vooral aan tafel. Met ongeveer €25 per dag kom je ruim rond: een bed kost rond de acht euro en een maaltijd een euro of twee. Bier valt duurder uit dan je gewend bent, reken op ongeveer drie euro voor een flesje.

Waar staat Penang om bekend?

Penang staat bekend om drie dingen: het eten, de oude stad en de streetart op de muren van George Town.

Het eten gaat voor. Een hawker centre is een overdekt plein vol kraampjes waar elke kok zijn eigen gerecht maakt, en Gurney Drive aan de boulevard is daarvan het bekendste. Asam laksa, char kway teow, nasi kandar en curry mee: je eet het allemaal voor een paar euro, tussen een publiek dat bijna helemaal uit locals bestaat.

Dan de oude stad. Chinese winkelhuizen met luiken, clanhuizen vol houtsnijwerk, en een moskee, een hindoetempel en een Chinese tempel op een paar honderd meter van elkaar. Aan de haven liggen de clan jetties, houten dorpjes op palen boven het water. Chew Jetty is de bekendste.

En de muren. In 2012 schilderde Ernest Zacharevic een reeks muurschilderingen in George Town, met Children on a Bicycle aan Armenian Street als bekendste: twee geschilderde kinderen op een echte fiets die aan de gevel vastzit.

Buiten de stad heb je Penang Hill, 833 meter hoog, en Kek Lok Si, het grootste boeddhistische tempelcomplex van het land.

Hoeveel dagen heb je nodig in Penang?

Voor Penang raden we 3 dagen aan. Dan heb je een dag voor George Town, een dag voor de heuvel en een dag voor het regenwoud.

2 dagen: genoeg voor de stad en de berg. Dag één loop je door de oude stad naar de clan jetties, dag twee neem je de bus naar Kek Lok Si en ga je laat in de middag met het kabelspoor Penang Hill op.

3 dagen: wat ons betreft het juiste aantal. De derde dag gaat naar Penang National Park, met een wandeling door het regenwoud naar Turtle Beach.

4 dagen of meer: voor wie hier vooral komt om te eten. Elke avond een ander hawker centre, elke ochtend een ander ontbijt, en je bent nog lang niet door de lijst heen.

Dat laatste overkomt veel reizigers. Penang is de stop waar je plannen een paar dagen uitlopen, en meestal is het eten de reden.

Wat is de beste plek om te verblijven in Penang?

Op Penang slaap je in George Town, in het oude centrum. Binnen die paar straten scheelt het wel wat je om de hoek hebt.

Rond Chulia Street: voor wie wil eten Hier staan de meeste hostels en langs de stoep openen ‘s avonds de eetkraampjes, die tot laat doorgaan. Je hoeft voor je avondeten letterlijk de straat maar op.

Rond Love Lane: voor een biertje Love Lane heeft een handvol bars en is de plek waar backpackers elkaar ‘s avonds tegenkomen. Levendig, maar geen feeststraat: een blok verder is het weer stil.

Bij de veerboot en het busstation: voor een korte stop Kom je maar voor een nacht of twee, dan is een bed op loopafstand van de veerboot en het busstation handig. De streetart en Chew Jetty liggen ook vanaf hier om de hoek.

Batu Ferringhi: je strandmiddag Aan de noordkust ligt Batu Ferringhi, het strand van Penang. Daar ga je met de bus naartoe voor een middag, en ‘s avonds ben je weer terug in de stad voor het eten.

Welke plek raden wij backpackers aan?

Ga voor George Town, in de straten rond Chulia Street en Love Lane. De streetart, Little India, de clan jetties en de koloniale wijk bij Fort Cornwallis liggen allemaal op loopafstand, en de bussen naar Penang Hill en het nationaal park vertrekken een paar straten verderop.

Op onze bestemmingspagina staan drie hostels die eruit springen. EZ Social Hostel zit in een Unesco-pand van meer dan honderd jaar oud met een bar beneden, en is de plek voor solo reizigers en wie ‘s avonds gezelschap zoekt. House of Journey is een familiehostel in een gerestaureerd winkelhuis met een dakterras, fijn als je voor het eerst in Penang bent. Some Place Else werkt met capsules met een eigen lampje en airco, ideaal voor lichte slapers en korte stops.

Slapen in een historisch winkelhuis hoort er hier gewoon bij. Je wordt wakker achter de pastelkleurige luiken van zo’n pand, met de kraampjes van Chulia Street om de hoek.

EZ Social Hostel

9,5 Fantastisch · 1.887 reviews

Bekijk & boekvia Hostelworld

Wat kun je doen in Penang?

In Penang doe je de meeste dingen te voet of met een bus van een paar dubbeltjes: streetart zoeken, de clan jetties, van kraam naar kraam eten, Kek Lok Si, Penang Hill en een wandeling door het nationaal park.

Welke plekken je echt moet zien en in welke volgorde, lees je in de highlights van Penang.

Hoe kom je in Penang?

Penang is een eiland, maar met twee bruggen en een veerboot vastgeknoopt aan het vasteland. Je komt er dus makkelijk.

Vanuit Kuala Lumpur doet de bus er ongeveer vijf uur over. Sneller en comfortabeler is de ETS-trein, die je in ongeveer vier uur naar Butterworth op het vasteland brengt, met een kaartje vanaf ongeveer dertien euro. In Butterworth stap je over op de veerboot, en een kwartier later sta je in George Town. Vlieg je, dan ligt het internationale vliegveld op ongeveer veertig minuten van het centrum.

Op het eiland zelf loop je. De gratis CAT-bus rijdt rondjes door het centrum, Rapid Penang-bussen rijden voor een paar dubbeltjes naar Penang Hill, Kek Lok Si en het nationaal park, en Grab werkt overal.

Verder de route op ga je naar het zuiden naar de Cameron Highlands, ongeveer vier tot vijf uur met de minivan. Langkawi bereik je met een korte vlucht of met de bus naar Kuala Kedah of Kuala Perlis en dan de veerboot. Naar de oostkust rijden minivans naar Kuala Besut voor de Perhentian-eilanden, maar reken dan op een lange reisdag dwars over het schiereiland.

Reis je door naar Thailand, dan rijden er vanaf Komtar minivans en bussen in drie tot vier uur naar Hat Yai, waar je overstapt richting Krabi, de eilanden of Bangkok. Koh Lipe bereik je via Hat Yai en de boot uit Pak Bara, of in het droge seizoen via Langkawi.

Kom je van buiten Maleisië, dan hoef je met een Nederlands of Belgisch paspoort voor 90 dagen niets aan te vragen. Je vult wel binnen drie dagen voor aankomst de gratis Malaysia Digital Arrival Card (MDAC) in, ook als je over land binnenkomt, en je moet een retour- of doorreisticket kunnen laten zien. Ga je door naar Sabah of Sarawak op Borneo, dan krijg je daar een eigen stempel, ook na een binnenlandse vlucht. Wat er voor jouw paspoort geldt staat in ons visumoverzicht, en hoe je aan een uitreisticket komt leggen we apart uit.

Is Penang een bezoek waard?

Ja, en voor wie van eten houdt is het misschien wel de belangrijkste stop van Maleisië. Je eet hier goed voor weinig, en in een paar honderd meter loop je langs een moskee, een hindoetempel en een Chinese tempel.

Je moet wel weten wat je krijgt. Penang is een stad en geen strandeiland: voor wit zand ga je door naar Langkawi of de Perhentian-eilanden. Wat je hier wel hebt is een oude stad om in te dwalen, een heuvel met uitzicht en een stuk regenwoud op een uur met de bus.

George Town is een van de veiligste steden van Zuidoost-Azië, ook ‘s avonds. Kijk vooral uit bij het oversteken, want scooters rijden hier ook over de stoep. Bedek je schouders en trek je schoenen uit in moskeeën en tempels, laat de huizen op de clan jetties met rust, want daar wonen families, en voer de apen bij Penang Hill en in het nationaal park niet. Maleisië heeft bovendien een van de strengste drugswetten ter wereld, dus daar begin je hier gewoon niet aan.

Kun je kiezen? December tot en met maart is het droogst. Van september tot en met november valt de meeste regen, maar dan loop je droog onder de five-foot ways, de overdekte galerijen langs de winkelhuizen.

Ons advies: bouw je dag in Penang rond de hitte en het eten. Ga voor tien uur de straat op, als de streetart nog van jou is, kruip midden op de dag een café of museum in, en bewaar de heuvel en de jetties voor het eind van de middag. Zodra de zon onder is, gaan de kraampjes open, en dan wil je honger hebben.

Waar dit bij hoort