Kota Kinabalu is de stad waar bijna iedereen aan Sabah begint, en elke avond zakt de zon er recht achter de eilanden van het marinepark in zee. Dan loopt de halve stad naar de boulevard. Zodra het licht weg is, gaan achter de Filipijnse markt de houtskoolgrills aan en liggen vis en inktvis in lange rijen op ijs.
KK, zoals iedereen de stad noemt, is geen plek met een lange lijst bezienswaardigheden. Het is een uitvalsbasis, en een hele goede. Een kwartier varen en je ligt op het witte zand van Sapi of Manukan. Twee uur rijden en je staat aan de voet van Mount Kinabalu, met 4.095 meter de hoogste berg van Borneo.
Die berg bepaalt je hele planning, of je hem nu beklimt of niet. De klim duurt twee dagen, maar de slaapplaatsen op de berg zijn beperkt en zitten maanden van tevoren vol. Wie op de top wil staan, regelt dat dus eerst en bouwt de rest van de reis eromheen.
Goedkoop is KK wel. Met ongeveer €25 per dag kom je rond, met een bed vanaf €8 en een bord eten voor €2. Alleen bier kost hier meer dan je zou denken, door de hoge accijns in heel Maleisië. Februari tot en met april zijn de droogste maanden, oktober tot en met januari de natste.
Waar staat Kota Kinabalu om bekend?
Kota Kinabalu staat bekend om vier dingen: de zonsondergang, de nachtmarkt, de eilanden voor de kust en de berg in het achterland.
De zonsondergangen zijn beroemd in heel Maleisië. Rond half zeven zakt de zon achter de eilanden, en je kijkt gratis mee vanaf de boulevard. Wil je hoger zitten, neem dan Grab naar Signal Hill: daar zie je de stad en de zee in één keer.
Direct daarna begint de nachtmarkt. Vis, inktvis, garnalen en kippenvleugels liggen in lange rijen op ijs, jij wijst aan en een kwartier later staat het op tafel. Een kippenvleugel kost vanaf ongeveer €0,40, een bord vis met rijst een paar euro. Vraag bij vis wel eerst de prijs per kilo.
Dan de eilanden. Vijf stuks liggen vlak voor de kust in Tunku Abdul Rahman Park, en Sapi en Manukan zijn de bekendste, met wit zand en snorkelen vanaf het strand.
En dan Mount Kinabalu. In twee dagen klim je naar Low’s Peak, met een nacht in de berghutten en een zonsopkomst boven heel Borneo. Op zondagochtend komt daar nog de markt in Gaya Street bij: honderden kraampjes met fruit, batik en ontbijt, van ongeveer zes uur tot een uur ‘s middags.
Hoeveel dagen heb je nodig in Kota Kinabalu?
Voor Kota Kinabalu raden we 3 tot 4 dagen aan. Het verschil zit in één vraag: ga je de berg op of niet?
2 dagen: genoeg zonder de klim. Een dag voor de stad, de boulevard en de nachtmarkt, en een dag eilandhoppen vanaf Jesselton Point.
3 dagen: wat ons betreft het fijnst als je de berg wilt zien zonder hem te beklimmen. Je derde dag rij je naar Kundasang op de flank van Mount Kinabalu, met koele lucht en het uitzicht op de top.
4 dagen: nodig als je wel klimt. De klim zelf neemt twee volle dagen in beslag, en daarna wil je nog een dag stad en eilanden.
Na KK gaan de meeste backpackers door naar de oostkust: orang-oetans in Sepilok, neusapen op de Kinabatangan en de zee van Semporna. Tel die dagen er apart bij op.
Wat is de beste plek om te verblijven in Kota Kinabalu?
KK is overzichtelijk, en bijna alles wat je wilt doen ligt in een paar straten bij het water. Toch scheelt het waar je je rugzak neerzet.
Het centrum aan de waterkant: voor backpackers Tussen Gaya Street en het water zitten de meeste hostels. De nachtmarkt, de Filipijnse markt, de boulevard en Jesselton Point, waar de boten naar de eilanden vertrekken, liggen allemaal op loopafstand. Ook de busjes naar Kinabalu Park en Kundasang vertrekken vanuit de binnenstad.
Rond Imago Mall: voor wie gezelschap zoekt Hier heb je het winkelcentrum, de duikscholen en de avondmarkt op vijf minuten lopen. In deze hoek ligt ook het meest sociale hostel van de stad.
Op de berg: één nacht in Panalaban Beklim je Mount Kinabalu, dan slaap je verplicht een nacht in de berghutten van Panalaban, op 3.272 meter. Dat is de enige slaapplek op de berg, en precies die bedden moet je als eerste boeken.
Een auto of scooter heb je in KK niet nodig. Wat buiten loopafstand ligt, bereik je met Grab voor een paar euro.
Welke plek raden wij backpackers aan?
Voor je eerste nachten in Sabah zouden wij gewoon in het centrum blijven. Je loopt ‘s avonds naar de zonsondergang, eet op de nachtmarkt en staat ‘s ochtends in vijf minuten bij de boot.
Op onze bestemmingspagina noemen we drie hostels. Homy Seafront Hostel ligt pal aan het water en heeft een lounge met een groot raam op de zee en de eilanden, met een 9,8 een van de best beoordeelde hostels van Borneo. Lavender Lodge Kota Kinabalu is rustig, ligt midden in het centrum en vlak bij de busjes naar Kinabalu Park, handig als je na de klim wilt bijslapen of na middernacht aankomt, want dan check je zelf in. Faloe Hostel is de sociale keuze, met een gemeenschappelijke ruimte waar je zo reisgenoten voor de eilanden of de berg vindt.
Wat kun je doen in Kota Kinabalu?
In KK doe je weinig binnen de stad en veel erbuiten: de berg, de eilanden, een rivier vol neusapen en vuurvliegjes, een cultuurdorp en een dag in de koele heuvels van Kundasang. In de stad zelf draait het om de zonsondergang, het eten en de zondagsmarkt.
Welke van die plekken je echt niet moet missen, lees je in de highlights van Kota Kinabalu.
Hoe kom je in Kota Kinabalu?
Naar Kota Kinabalu vlieg je bijna altijd. Vanuit Kuala Lumpur duurt de vlucht ongeveer tweeënhalf uur, vanuit Kuching ongeveer anderhalf uur. Over land vanuit Kuching is het een lange reis.
Kom je vanaf het schiereiland, houd je paspoort dan in je handbagage. Sabah heeft een eigen immigratiecontrole, dus ook na die binnenlandse vlucht sta je bij een balie en krijg je een eigen stempel.
Het vliegveld ligt op twintig minuten van het centrum. Neem Grab: vaste prijs vooraf, goedkoop en betrouwbaar. In de stad zelf loop je, en voor Signal Hill of alles verderop gebruik je weer Grab.
Verder de route op neem je de bus naar Sandakan vanaf het busstation in Inanam, een kwartier met Grab buiten de stad. Die doet er zes tot acht uur over, kost ongeveer €10 en stopt bij de afslag naar Sepilok. Hij rijdt via Ranau langs de ingang van Kinabalu Park, dus na de klim hoef je niet terug naar KK. Haast? Dan vlieg je in een uur naar Sandakan. Ga je meteen naar Semporna, vlieg dan naar Tawau en rij nog anderhalf uur.
Kom je van buiten Maleisië, dan hoef je met een Nederlands of Belgisch paspoort voor 90 dagen niets aan te vragen. Je vult wel binnen drie dagen voor aankomst de gratis Malaysia Digital Arrival Card (MDAC) in, ook als je over land binnenkomt, en je moet een retour- of doorreisticket kunnen laten zien. Ga je door naar Sabah of Sarawak op Borneo, dan krijg je daar een eigen stempel, ook na een binnenlandse vlucht. Wat er voor jouw paspoort geldt staat in ons visumoverzicht, en hoe je aan een uitreisticket komt leggen we apart uit.
Is Kota Kinabalu een bezoek waard?
Zeker, en niet alleen als doorgangsstad. Een zonsondergang achter de eilanden, een hele vis van de grill en een stranddag op een kwartier varen: dat is meer dan veel havensteden je in een paar dagen geven.
Je moet wel weten wat je krijgt. KK is geen stad om dagen door te dwalen, het is de plek waar je je tochten naar de berg, de eilanden en de oostkust regelt. Wie dat weet, gebruikt de stad precies goed.
Het weer op de berg slaat snel om. Begin dus niet op slippers of zonder regenjas aan de klim, en neem een warme laag, handschoenen en een hoofdlamp mee: rond zonsopkomst kan het op de top vriezen, in welke maand ook. Op de eilanden geldt: zonnebrand en water mee, je spullen niet onbeheerd op het strand en het koraal niet aanraken.
Ons advies: boek de klim op Mount Kinabalu nog voor je vlucht naar Borneo, liefst een half jaar van tevoren, bij een erkend agentschap of via Sabah Parks. Zit Panalaban vol, rij dan vroeg in de ochtend naar Kundasang en kijk vanaf de groentevelden naar de granieten top voordat de wolken hem inpakken.




