Het archeologische park van Angkor is groter dan de meeste mensen verwachten. Angkor Wat, gebouwd in 1113, is er maar één van, en de tempels eromheen liggen kilometers uit elkaar. Dat betekent dat je twee beslissingen moet nemen voordat je aankomt: hoeveel dagen je koopt en welke route je op welke dag rijdt.
De verleiding is groot om er één lange dag van te maken. Dat kan, en veel reizigers doen het, maar je loopt dan tegen twee dingen aan: de hitte, en de blur die ontstaat als je acht tempels achter elkaar ziet. Wie de tijd neemt, onthoudt er meer van.
Hieronder wat de ticketopties betekenen, wat de kleine en de grote ronde precies inhouden, hoe je erheen gaat en waar je op de dag zelf rekening mee houdt.
Eén, drie of zeven dagen: welk ticket koop je?
Het tempelticket is er in versies van één, drie en zeven dagen, en drie dagen is voor de meeste backpackers de goede maat. Daarmee doe je de kleine ronde, de grote ronde en nog een dagtrip, zonder dat je iets moet overslaan of forceren.
Heb je maar één dag, dan doe je de kleine ronde en dat is een prima dag. Je ziet Angkor Wat, Bayon en Ta Prohm, en dat zijn de drie die iedereen bedoelt als het over Angkor gaat. Het ticket van zeven dagen is er voor wie echt tempels wil kammen, of voor wie er een week over wil doen zonder haast.
Koop je ticket zelf bij het officiële ticketkantoor. Dat scheelt gedoe en je weet zeker dat het klopt.
Ons oordeel: drie dagen als je ze hebt, en anders zonder aarzelen één dag met de kleine ronde
De kleine ronde: de klassieke eerste dag
De kleine ronde is de route die de bekendste tempels aan elkaar rijgt. Je begint bij zonsopkomst bij Angkor Wat, rijdt daarna door naar Bayon met zijn 216 stenen gezichten, en eindigt bij Ta Prohm, waar de bomen dwars door de muren groeien. Die drie zijn samen de reden dat je hierheen bent gekomen.
Het is ook de drukste route van het park, en dat merk je vooral in de vroege ochtend bij Angkor Wat. Dat hoort erbij, en het is het waard.
Ons oordeel: doe de kleine ronde op je eerste dag, vroeg, en accepteer dat je die ochtend niet alleen bent
De grote ronde: een stuk rustiger
De grote ronde brengt je naar Preah Khan, Neak Pean en Ta Som. Die liggen verder uit elkaar en trekken veel minder mensen, waardoor je er tempels hebt waar je soms een tijdje alleen staat. Voor veel reizigers is dit achteraf de leukere dag van de twee.
Op dezelfde dag kun je doorrijden naar Banteay Srei, de roze zandsteentempel die vijfendertig kilometer noordelijker ligt. Wil je nog verder van de gebaande paden, dan is Ta Nei de tempel waar het echt stil is.
Heb je een derde dag, dan is Kulen Berg de logische dagtrip: die ligt buiten het tempelpark en geeft je een dag natuur na twee dagen steen.
Ons oordeel: sla de grote ronde niet over als je drie dagen hebt, want daar zit de rust
Tuktuk of fiets?
Voor de tempels huur je een tuktuk voor de hele dag. Reken op ongeveer twaalf euro voor de kleine ronde en iets meer voor de grote, en je chauffeur wacht bij elke tempel op je. Maak vooraf duidelijke afspraken over waar en hoe lang hij wacht, dan weten jullie allebei waar je aan toe bent.
De kleine ronde is ook te fietsen, met een fiets vanaf ongeveer twee euro. Dat is goedkoop en het geeft je alle vrijheid, maar het is warm en er is weinig schaduw, dus dit is een keuze voor wie fit is en vroeg begint. Voor de grote ronde en zeker voor Banteay Srei zijn de afstanden te groot om te fietsen.
Ons oordeel: tuktuk voor allebei de rondes, en de fiets alleen als je de kleine ronde doet en vroeg vertrekt
Zonsopgang of zonsondergang?
De meeste reizigers kiezen voor de zonsopgang bij Angkor Wat, om het uitzicht dat je van elke foto kent: de tempel die weerspiegelt in de vijver ervoor. Zonsondergang is een stuk rustiger en geeft je mooie uitzichten vanaf andere tempels in het complex.
Voor die weerspiegeling heb je wel water in de vijver nodig, en dat staat het hoogst aan het eind van het regenseizoen, ruwweg september tot en met november. Reis je in het droge seizoen, dan is de kans groot dat de vijver laag staat en de foto anders uitpakt dan je hoopte. Ga dan gewoon voor het licht zelf, dat is ook zonder spiegel de moeite waard.
Ons oordeel: één keer zonsopgang, en de rest van je dagen begin je gewoon om acht uur
Waar je op de dag zelf op let
Kleed je goed aan: schouders en knieën bedekt, want zonder dat kom je Angkor Wat niet in. Neem twee liter water per persoon mee de tempels in, want er is weinig schaduw en de dagen zijn heet. Kom je in de middag terug in Siem Reap, plan dan niet meteen iets zwaars.
Twee dingen doe je niet. Op een olifant rijden bij Angkor kan niet meer, dat is sinds 2020 verboden in het park zelf. En geef geen geld of snoep aan kinderen op straat, hoe moeilijk dat ook is.
Zo plan je het in je reis
Siem Reap is de toegangspoort tot het park en ligt op ongeveer zes uur met de bus vanaf Phnom Penh en drie uur vanaf Battambang. Het nieuwe vliegveld ligt vijftig kilometer oostelijk, ongeveer een uur rijden, dus reken dat mee als je op je aankomstdag nog de tempels in wilt. Hoe je verder door het land reist, staat in onze gids over vervoer in Cambodja, en de hele route in onze routeblog van Cambodja.
Is één dag Angkor genoeg?
Voor de bekendste tempels wel. In één dag doe je de kleine ronde: zonsopkomst bij Angkor Wat, daarna Bayon en Ta Prohm. Dat is een volle, warme dag en je hebt gezien waarvoor de meeste mensen komen.
Wat je met één dag mist, is de rust. De grote ronde met Preah Khan, Neak Pean en Ta Som is een stuk stiller dan de kleine, en juist daar krijg je het gevoel dat je iets ontdekt in plaats van afvinkt. Heb je drie dagen in Siem Reap, koop dan het driedaagse ticket: het verschil in prijs weegt niet op tegen het verschil in je herinnering.





