Phnom Penh ligt op het punt waar de Mekong en de Tonlé Sap samenkomen en is voor veel backpackers de eerste of de laatste stop van hun reis door Cambodja. De hoofdstad telt zo’n 2,3 miljoen inwoners en zet het Koninklijk Paleis uit 1866, een lange rivierboulevard en een rij rooftopbars vlak naast elkaar.
Waar de meeste reizigers naar Cambodja komen voor Angkor Wat, laat Phnom Penh een andere kant van het land zien. Het is geen mooie stad in de klassieke zin, en de recente geschiedenis komt hier hard binnen. Wat je er wel krijgt: de beste eetscene van het land, echte lokale wijken en avonden die pas na zonsondergang op gang komen.
Een dag begint hier vaak zwaar en eindigt licht. ’s Ochtends de Killing Fields en Tuol Sleng, ‘s middags het paleis of een van de markten, en ‘s avonds een zonsondergangcruise over de Mekong of een biertje in een steegje vol kleine bars.
Phnom Penh is bovendien het vervoersknooppunt van Cambodja. Alle bussen naar de kust, naar Siem Reap en naar de grenzen met Vietnam en Thailand vertrekken hier, dus je komt er sowieso langs.
Waar staat Phnom Penh om bekend?
Phnom Penh staat vooral bekend om de recente geschiedenis van Cambodja, en om het contrast tussen die geschiedenis en het stadsleven van nu.
Het bekendste zijn de Killing Fields van Choeung Ek, ongeveer vijftien kilometer buiten de stad, en het Tuol Sleng Genocide Museum in het centrum. Samen vertellen ze het verhaal van de Rode Khmer-periode. Neem de audiotour, die is uitstekend, en plan er verder niets zwaars achteraan.
Daarnaast is er het Koninklijk Paleis uit 1866, met de Zilveren Pagode ernaast. Entree is ongeveer 9 euro, het is open van 8.00 tot 10.30 en van 14.00 tot 17.00, en met blote schouders of knieën kom je er niet in.
De stad is ook bekend om zijn markten. De Central Market zit in een art-decogebouw uit 1937 met een enorme koepel en is dagelijks open van 7.00 tot 18.00. De Russian Market is rommeliger en populair bij locals en backpackers tegelijk: begin bij het onderhandelen rond de helft van de vraagprijs.
En dan het eten. Nom banh chok, rijstnoedels met een groene viscurry, is hier een ontbijtgerecht dat je ‘s ochtends op straat koopt bij een vrouw met twee manden aan een stok. Verder eet je lok lak, amok trey en Khmer curry met kroeung.
Hoeveel dagen heb je nodig in Phnom Penh?
Voor Phnom Penh raden we 2 dagen aan: één zware dag geschiedenis en één lichtere dag voor de stad zelf.
2 dagen: wat ons betreft precies goed. Dag één de Killing Fields en Tuol Sleng, dag twee het paleis, de markten en een zonsondergangcruise.
3 dagen: fijn als je er een dagtrip naar Silk Island bij wilt doen, of een avond naar de Kun Khmer-wedstrijden wilt.
4 dagen of meer: alleen als je de stad echt wilt leren kennen, met een streetfood tour, meerdere wijken en tijd voor de cafés.
Wat je niet moet doen is alleen de Killing Fields aantikken en dezelfde dag doorreizen naar Siem Reap of Kampot. Blijf minstens twee nachten, dan zie je ook de andere kant van de stad.
Wat is de beste plek om te verblijven in Phnom Penh?
Phnom Penh is groot, maar het backpackersgedeelte is dat niet. Vrijwel iedereen slaapt rond Riverside of Bassac Lane, en daar zit ook de grootste concentratie hostels, restaurants en bars.
Riverside: voor de eerste keer Langs de rivier zit je centraal, dicht bij het paleis en de Central Market, en je loopt zo naar de boten voor de zonsondergangcruise. ’s Avonds is het er levendig en vind je de meeste rooftopbars, met een drankje vanaf ongeveer 3 euro.
Bassac Lane: voor de avonden Bassac Lane is een steegje vol kleine bars ten zuiden van het centrum, met cocktailbars, livemuziek en internationale restaurants. Het loopt vol vanaf een uur of acht en een drankje kost hier vanaf ongeveer 2,50 euro. Ideaal als je solo reist en makkelijk mensen wilt ontmoeten.
Verder van de rivier: goedkoper Zit je verder van het centrum, dan zakken de prijzen en slaap je meer tussen lokale buurten. Reken er dan wel op dat je vaker een tuktuk nodig hebt, want lopen is in deze stad al snel te ver.
Welke plek raden wij backpackers aan?
Voor je eerste keer Phnom Penh zouden wij tussen Riverside en Bassac Lane blijven. Je hebt de bezienswaardigheden dan binnen een korte tuktukrit en je zit ‘s avonds meteen goed.
Op onze bestemmingspagina noemen we drie hostels die er bij backpackers uitspringen: Mad Monkey Phnom Penh voor de sociale sfeer, met zwembad, bar en elke dag activiteiten, Pooltop Phnom Penh voor het rooftop zwembad en de centrale ligging, en Onederz Phnom Penh als je iets moderner en rustiger wilt slapen zonder de gezelligheid helemaal op te geven.
Een bed kost hier gemiddeld zo’n 5 euro en met 20 euro per dag kom je als backpacker prima rond. Wil je vooral rust na een zware dag musea, kies dan Onederz. Kom je juist om mensen te ontmoeten, dan zit je bij Mad Monkey goed.
Wat kun je doen in Phnom Penh?
In twee dagen doe je het meeste: musea die er hard inhakken, het paleis met zijn tempels, de drukke markten en aan het eind van de dag de rivier. De stad wisselt razendsnel tussen zwaar en luchtig.
Onze vijf favorieten hebben we apart uitgewerkt in de highlights van Phnom Penh.
Hoe kom je in Phnom Penh?
Phnom Penh is het knooppunt van Cambodja, dus vanaf vrijwel elke plek in het land rijdt er een bus. Vanuit Siem Reap ben je ongeveer zes uur onderweg, vanuit Kampot vier uur en vanuit Sihanoukville vijf uur.
Kom je uit Vietnam, dan doe je Ho Chi Minh City in zes tot zeven uur via de grens bij Bavet. Er rijdt ook een trein, naar Sihanoukville en naar het vliegveld.
Het vliegveld ligt tien kilometer westelijk van het centrum. Er gaat een trein naar het centraal station voor ongeveer anderhalve euro, en in de spits ben je daarmee een stuk sneller dan over de weg.
In de stad zelf gebruik je PassApp of Grab voor tuktuks. Dan zie je de prijs vooraf en hoef je niet te onderhandelen: een ritje kost meestal een euro of twee. Lopen kan voor korte stukken, maar de stad is groot genoeg om dat niet je standaardoptie te maken.
Is Phnom Penh een bezoek waard?
Wat ons betreft wel, ook al slaan veel backpackers de stad haastig over. Nergens anders in Cambodja komen de geschiedenis, het echte stadsleven en een verrassend goede eetscene zo dicht bij elkaar.
Wees je wel bewust van de straat. Phnom Penh is de plek in Cambodja waar het vaakst iets gebeurt, en dat is bijna altijd tasjesroof vanaf een scooter. Draag je tas aan de kant van de stoep, houd je telefoon in je zak als je langs de weg loopt of achter in een open tuktuk zit, en neem ‘s avonds liever een tuktuk dan dat je lange stukken loopt.
Praktisch: je betaalt in Cambodja grotendeels in Amerikaanse dollars en riel krijg je alleen terug als wisselgeld onder een dollar. Pin kleine bedragen tegelijk en loop niet met grote bedragen contant rond.
De beste maanden zijn november tot en met februari: droog, iets koeler en met avonden waarop je prima buiten zit. Van juni tot en met oktober regent het in korte buien en kunnen de straten blank staan, maar de prijzen liggen dan lager en de stad is groener.
Ons advies: plan twee nachten, doe de Killing Fields op je eerste ochtend en houd die avond bewust vrij. De dag erna is er tijd genoeg voor het paleis, de markten en een cruise bij zonsondergang.