Manilla, Filipijnen

Manila: alles wat je moet weten voor je bezoek

Reisgids 6 min lezen
Manila: alles wat je moet weten voor je bezoek

Manila is voor de meeste backpackers het eerste wat ze van de Filipijnen zien. De hoofdstad telt met de regio eromheen zo’n dertien miljoen inwoners en zet een Spaanse ommuurde stad uit 1571 pal naast de glazen torens van Makati. Die twee liggen op een paar kilometer van elkaar, met de Pasig-rivier ertussen.

Verwacht geen mooie stad. Manila is luid en warm, het verkeer staat berucht vast en veel reizigers boeken meteen door naar Palawan, Cebu of Siargao. Wat de stad wel heeft zijn contrasten: koloniale kerken, de oudste Chinatown ter wereld, enorme malls en een nachtleven dat tot diep in de nacht doorgaat.

Een dag hier ziet er meestal zo uit. ’s Ochtends de ommuurde stad Intramuros in, het liefst vroeg vanwege de hitte, rond lunchtijd streetfood in Binondo en tegen zonsondergang een drankje op een dak in Makati. ’s Avonds loop je Poblacion in, de wijk waar backpackers en expats uitgaan.

Praktisch is Manila vooral het vliegveldknooppunt van het land. Bijna elke binnenlandse vlucht vertrekt hier of vanuit Cebu, en luchthaven NAIA heeft vier terminals die ver uit elkaar liggen. Reis je tussen juli en oktober, houd dan rekening met tyfoons die vluchten massaal schrappen.

Waar staat Manila om bekend?

Manila staat vooral bekend om de mix van Spaans koloniaal verleden en moderne hoogbouw, en om het eten dat daartussen is ontstaan.

Het bekendste stuk is Intramuros, de ommuurde stad die in 1571 werd gesticht. Rondlopen tussen de muren, kerken en pleinen is gratis, de musea kosten ongeveer €1,50. Daar staat ook Fort Santiago aan de Pasig-rivier, dagelijks open van 8.00 tot 18.00 voor ongeveer €1,50.

Vlak daarnaast ligt Binondo, dat geldt als de oudste Chinatown ter wereld. Rond lunchtijd staan alle karren buiten en is dit de beste foodstraat van de stad. Veel backpackers komen hier speciaal voor een food tour.

Aan de andere kant van de stad zit Makati, het moderne hart, met rooftopbars waar een drankje vanaf zo’n €4 kost en met Poblacion als uitgaanswijk. Daar begint een biertje rond €2 en loopt het door tot laat.

En dan het eten op straat. Adobo, sisig, lumpia en halo-halo vind je overal, en een spies kost vanaf ongeveer €0,30. De karren komen vanaf een uur of vijf ‘s middags naar buiten.

Hoeveel dagen heb je nodig in Manila?

Voor Manila raden we 1 tot 2 dagen aan. De meeste backpackers gebruiken de stad als tussenstop tussen twee vluchten door.

1 dag: genoeg voor het belangrijkste. Intramuros en Fort Santiago in de ochtend, Binondo rond lunchtijd, en ‘s avonds Poblacion of een rooftopbar in Makati.

2 dagen: wat ons betreft de fijnste keuze. Dag twee gebruik je voor Makati en Bonifacio Global City, of voor een dagtrip naar Tagaytay op zestig kilometer.

3 dagen of meer: alleen als je echt de tijd wilt nemen voor de musea, de malls en het eten, of als je een paar dagen speling inbouwt rond je vluchten.

Houd er rekening mee dat het verkeer je planning bepaalt. Twee bezienswaardigheden op een dag is in Manila realistischer dan vier.

Wat is de beste plek om te verblijven in Manila?

Manila is enorm en de wijken liggen ver uit elkaar, dus waar je slaapt maakt hier meer uit dan in de meeste andere stops van je reis.

Makati en Poblacion: voor backpackers Hier verblijft het overgrote deel van de backpackers. Je vindt er de meeste hostels, cafés, restaurants en bars, het is modern en veilig en de verbinding met de luchthaven is goed. Poblacion is het uitgaansdeel, waar alles op loopafstand ligt.

Bonifacio Global City: rustiger en netter BGC is de nieuwste zakenwijk van de stad: brede stoepen, veel restaurants en ‘s avonds een stuk rustiger dan Poblacion. Fijn als je liever vroeg slaapt, maar je zit verder van de hostelsfeer af.

Rond Intramuros: mooi overdag De oude stad is het interessantste deel van Manila om te zien, maar er gebeurt ‘s avonds weinig en er zitten nauwelijks hostels. Slaap liever in Makati en kom hier vroeg in de ochtend naartoe.

Welke plek raden wij backpackers aan?

Voor je eerste keer Manila zouden wij gewoon in Makati blijven, rond Poblacion. Je zit dan tussen de hostels, de bars en de restaurants, en je bent snel bij de luchthaven als je vlucht vroeg vertrekt.

Op onze bestemmingspagina noemen we drie hostels die er bij backpackers uitspringen: Lub d Manila Makati voor wie comfort en een goede locatie wil, Manila-Z-Hostel voor de rooftopbar met uitzicht over de skyline en de sociale sfeer, en Ola! Hostel Manila voor wie betaalbaar wil slapen en na een lange vlucht bij het rooftop zwembad wil bijkomen.

Wil je het rustiger, dan is Bonifacio Global City de betere keuze. En reis je op een strak budget: met een bed vanaf zo’n €7 en maaltijden rond €2 kom je in Manila makkelijk uit op ongeveer €20 per dag.

Wat kun je doen in Manila?

Meer dan je in twee dagen kwijt kunt, en het meeste ligt in een paar wijken bij elkaar: koloniale geschiedenis, Chinatown-eten en rooftopbars bij zonsondergang.

Onze vijf favorieten hebben we apart uitgewerkt in de highlights van Manila.

Hoe kom je in Manila?

Voor de meeste reizigers beginnen de Filipijnen op NAIA. De vier terminals liggen ver uit elkaar, dus check vooraf welke je nodig hebt. Met Grab zit je voor een euro of vijf in het centrum, maar reken in de spits op een uur of meer.

Verder de route op gaat vrijwel alles door de lucht. El Nido, Coron, Cebu, Siargao en Bohol liggen allemaal op één tot anderhalf uur vliegen, en wie ruim van tevoren boekt betaalt het minst. Er varen ook veerboten naar de Visayas, maar die zijn traag: reken op dagen in plaats van uren.

Reis je in juli tot en met oktober, plan dan altijd een dag speling voordat je internationale vlucht vertrekt. Bij een tyfoon worden binnenlandse vluchten massaal geschrapt.

In de stad zelf is Grab het makkelijkst, omdat je de prijs vooraf weet. De jeepney is met ongeveer €0,20 per rit veruit het goedkoopst, en de LRT en MRT zijn het snelst, al zijn ze in de spits stampvol.

Is Manila een bezoek waard?

Wat ons betreft wel, mits je er niet te veel van verwacht. Manila is geen mooie stad en geen bestemming op zich, maar in één of twee dagen zie je hier drie totaal verschillende kanten van de Filipijnen: Spaans, Chinees en modern Filipijns. Dat lukt je op de eilanden nergens.

Weet wel waar je komt. De stad heeft een stevige reputatie en een deel daarvan klopt. In de wijken waar backpackers zitten is het gewoon veilig als je oplet: neem een Grab in plaats van een taxi op straat, blijf ‘s avonds in Makati, BGC of Poblacion, houd je telefoon in je zak in de jeepney en de trein, en pin alleen bij een automaat in een mall of bankfiliaal.

Het weer bepaalt de rest. Van juni tot en met november valt de habagat met tyfoons en kans op overstromingen, en van maart tot en met mei is het drukkend heet. De beste maanden zijn december tot en met februari, als de amihan waait en het koelst en droogst van het jaar is.

Ons advies: trek één volledige dag uit voor Intramuros en Binondo, begin vroeg met een bamboefietstour, lunch in Chinatown en sluit af op een rooftopbar in Makati. Boek je vlucht naar de eilanden pas de dag erna.

Waar dit bij hoort