Laos

Laos: het land waar backpacken nog écht backpacken voelt

Reisgids 8 min lezen
Laos: het land waar backpacken nog écht backpacken voelt

Op de meeste Zuidoost-Azië-routes is Laos de tussenstop: het land tussen Thailand en Vietnam waar je “nog even doorheen reist”. Wie er eenmaal is geweest, weet dat dat een misvatting is.

Laos heeft geen tropische eilanden, geen metropool als Bangkok en geen zee aan scooters zoals Vietnam. Wat je wél krijgt: eindeloze groene bergketens, kleine dorpen, de Mekong, tempels, jungle en een tempo dat opvallend laag ligt. Op sommige plekken lijkt de tijd hier gewoon iets langzamer te lopen en precies dat maakt Laos zo’n bijzonder land om te doorkruisen.

Laos in het kort

Laos ligt ingeklemd tussen Thailand, Vietnam, Cambodja, China en Myanmar, en is als enige land in Zuidoost-Azië zonder kustlijn. De hoofdstad is Vientiane, en met ongeveer 7,5 miljoen inwoners is het land verrassend dunbevolkt voor iets dat meerdere keren groter is dan Nederland.

Grote delen van Laos bestaan uit bergen, bos, rijstvelden en kleine gemeenschappen. Verlaat je de bekende route, dan wordt het al snel stil: geen 7-Eleven om de hoek, geen taxi-app die binnen drie minuten voorrijdt, en soms niemand die Engels spreekt.

Waar de charme van Laos vandaan komt

Laos draait niet om een lijst wereldberoemde bezienswaardigheden die je een voor een afwerkt. De charme zit hem juist in alles daaromheen: de rit door de bergen, het dorpje waar de bus onverwacht stopt, kinderen die zwaaien vanaf de kant van de weg, de zon die wegzakt achter de Mekong. En die busrit die “vier uur” zou duren, maar waar je zeven uur later nog steeds in zit, zonder dat iemand daar iets bijzonders aan lijkt te vinden.

Laos is onvoorspelbaar. En juist daardoor voelt reizen hier weer als reizen in de oorspronkelijke zin van het woord.

Sabaidee: de mensen van Laos

Één woord hoor je voortdurend: sabaidee, hallo. Vooral in kleinere dorpen roepen kinderen het je toe vanaf de kant van de weg.

De Laotiaanse bevolking komt over als rustig, vriendelijk en wat terughoudender dan in de drukkere toeristengebieden van de buurlanden. Buiten de bekende routes wordt lang niet overal Engels gesproken maar dat maakt het contact vaak juist waardevoller. Met een paar woorden Lao, wat gebaren en een vertaal-app kom je verrassend ver.

Laos is bovendien cultureel diverser dan je op het eerste gezicht zou denken. Verspreid over het land leven tientallen etnische groepen, elk met een eigen taal, kleding en tradities vooral in de bergdorpen in het noorden voelt het dagelijks leven wezenlijk anders dan in Vientiane of Luang Prabang.

Een land dat een versnelling lager schakelt

Kom je net uit Bangkok of Hanoi, dan voel je het verschil meteen: minder verkeer, minder getoeter, minder haast. Zelfs hoofdstad Vientiane oogt naar Aziatische maatstaven bijna als een rustige provinciestad.

Een bus vertrekt weleens later dan gepland, een bestelling duurt wat langer, en niemand lijkt zich daar erg druk over te maken. Voor wie gewend is aan een strakke planning kan dat even wennen zijn maar na een paar dagen zit je zelf met een drankje naar de Mekong te kijken, en vraag je je af waarom thuis alles altijd zoveel haast heeft.

Boeddhisme als onderstroom

Het Theravada-boeddhisme is overal voelbaar: tempels, Boeddhabeelden en monniken in hun herkenbare oranje gewaden. Vooral in Luang Prabang is dat zichtbaar: in de vroege ochtend lopen monniken in stille rijen door de straten terwijl inwoners voedsel aanbieden.

Het is een indrukwekkend ritueel om te zien, maar geen toeristenattractie. Wie wil kijken of fotograferen, houdt afstand, draagt gepaste kleding en behandelt de traditie met respect.

Diezelfde bescheidenheid geldt breder in de Laotiaanse cultuur: hard schreeuwen of iemand publiekelijk voor gek zetten past er niet bij. Loopt iets anders dan gepland, dan kom je met rust en vriendelijkheid altijd verder dan met frustratie. En al is een bikini bij het hostelzwembad prima, in een dorp, winkel of tempel trek je toch iets aan relaxed betekent hier niet dat alles zomaar kan.

De Mekong: de levensader van het land

Over Laos praten zonder de Mekong te noemen, is nauwelijks mogelijk. De rivier snijdt dwars door het land en vormt op meerdere plekken de natuurlijke grens met Thailand. Al eeuwenlang is ze de ruggengraat van vervoer, landbouw, visserij en handel.

In het noorden varen boten er dagenlang overheen, in Vientiane kijk je vanaf de boulevard zo naar Thailand aan de overkant, en helemaal in het zuiden ligt een archipel van duizenden kleine eilandjes midden in de rivier. De Mekong is niet zomaar een decor ze is de rode draad door het hele land.

Slow travel in de meest letterlijke zin

Laos leent zich uitstekend voor slow travel, en de bekende slow boat over de Mekong is daar het beste bewijs van. Sneller reizen kan altijd. De vraag is alleen waarom je dat zou willen.

Urenlang over de rivier varen, uit het busraam kijken naar bergen die maar blijven doorgaan, een extra nacht blijven omdat een plek gewoon bevalt dat hoort bij backpacken door Laos. Dit is geen land waar je elke ochtend vroeg vertrekt om zoveel mogelijk highlights af te vinken.

Sporen van een koloniaal verleden

Laos maakte ooit deel uit van Frans-Indochina, en die geschiedenis is nog goed zichtbaar vooral in Luang Prabang en Vientiane, met koloniale panden en Franse invloeden in de architectuur. Het levert opmerkelijke combinaties op: een boeddhistische tempel naast een negentiende-eeuws Frans gebouw, met scooters die er middendoor rijden.

Een geschiedenis die om aandacht vraagt

Achter het rustige straatbeeld gaat ook een zwaardere geschiedenis schuil. Tijdens de Vietnamoorlog werd Laos jarenlang intensief gebombardeerd, en op het platteland liggen nog altijd niet-ontplofte explosieven (UXO). Voor reizigers is de regel simpel maar belangrijk: blijf op aangegeven paden en negeer waarschuwingsborden nooit. Met die regel in het achterhoofd is er weinig om je zorgen over te maken maar het hoort wel bij het verhaal van het land.

Bergen, jungle en dorpen zover het oog reikt

Waar Thailand vooral aan stranden doet denken, is Laos bijna het tegenovergestelde: groen, en dan heel erg groen. Vooral in het noorden vind je hoge berglandschappen, kalkstenen rotsformaties, jungle en valleien vol kleine dorpen.

Op sommige routes zit je urenlang in een bus of minivan terwijl het uitzicht blijft doorgaan en dat zijn vaak de mooiste momenten van de reis: hoofd tegen het raam, en gewoon kijken hoe het landschap voorbijtrekt.

Voorbij de bekende route

In plekken als Luang Prabang en Vang Vieng is Laos aardig ingericht op reizigers. Rijd je daar een stukje voorbij, dan verandert het decor snel: houten huizen, lokale winkels, spelende kinderen langs de weg, koeien of kippen die vrij over straat lopen.

Het leven is er op veel plekken eenvoudiger dan wij gewend zijn, en juist dat contrast maakt Laos interessant. Er is vaak geen speciale activiteit nodig om het gevoel te hebben dat je iets wezenlijk anders ziet.

Toch verandert Laos snel

Tegelijkertijd is dit geen land dat stilstaat. Het duidelijkste voorbeeld is de moderne spoorlijn die het land doorkruist. Waar reizigers vroeger urenlang over kronkelende bergwegen moesten tussen Vientiane, Vang Vieng en Luang Prabang, stap je nu in een snelle trein.

Dat levert soms bijna absurde contrasten op: je rijdt langs kleine dorpen en rijstvelden, en een paar uur later sta je in een groot, gloednieuw treinstation. De investeringen vanuit buurland China zijn daarbij steeds zichtbaarder.

Reizen op een budget

Laos is nog altijd goed te doen met een backpackbudget. Hostels, guesthouses en lokaal vervoer zijn over het algemeen betaalbaar. De munteenheid is de Lao kip (LAK) reken erop dat je al snel met bedragen in de honderdduizenden betaalt. Cash blijft handig, zeker buiten de grotere toeristische bestemmingen.

Wanneer je het beste gaat

Laos kent grofweg een droog en een regenseizoen. November tot februari geldt als de aangenaamste periode: droger weer en prettige temperaturen. Maart en april kunnen flink heet worden. Tijdens het regenseizoen wordt het land juist intens groen, en zijn rivieren en watervallen op hun mooist al worden sommige wegen dan minder comfortabel.

Pi Mai: het Laotiaanse Nieuwjaar

Wie in april in Laos is, maakt kans op Pi Mai, een van de grootste feesten van het jaar. Net als bij Songkran in Thailand speelt water een hoofdrol, en veranderen straten in spontane waterfeesten. Een goede waterdichte hoes voor de telefoon is dan geen overbodige luxe.

Waarom Laos vaak wordt onderschat

Laos is niet het land waarvoor je vooraf de langste bucketlist maakt. En precies daarom verrast het zoveel reizigers. Het gaat hier niet om die ene beroemde tempel of dat ene bekende strand het hele land vormt de ervaring: de lange reis tussen twee bestemmingen, het uitzicht vanuit de bus, een onverwachte avond met andere reizigers, een dorp waar niemand Engels spreekt, de Mekong, de bergen, en vooral het besef dat alles best wat langzamer mag.

Wat Laos onderscheidt

Thailand reis je moeiteloos door. Vietnam is druk, chaotisch en vol bekende stops. Laos voelt anders: rustiger, rauwer, groener, minder gepolijst.

Soms loopt iets niet zoals gepland. Soms duurt een busrit drie uur langer dan beloofd. En soms kom je ergens aan en vraag je je af wat er te doen valt om drie dagen later niet meer weg te willen.

Hoe haal je het meeste uit een reis door Laos?

Probeer tijdens je reis minstens één keer bewust uit de backpackbubbel te stappen.

Laos heeft veel verschillende bevolkingsgroepen, tradities en dorpen, en juist buiten de bekende backpackplekken krijg je daar veel meer van mee.

Stop onderweg eens in een klein dorp, koop iets bij een lokaal winkeltje of blijf slapen in een lokaal guesthouse. Niet om mensen als een toeristische attractie te bekijken, maar juist om een klein beetje mee te krijgen van hoe het dagelijkse leven in Laos eruitziet. Vraag toestemming voordat je foto’s maakt en respecteer lokale gebruiken.

De kans is groot dat juist zo’n onverwacht moment uiteindelijk meer indruk maakt dan de bekendste highlight van je reis.

Waar dit bij hoort