El Nido ligt op de noordpunt van Palawan, aan een baai met 45 eilanden vol kalkstenen kliffen, verborgen lagunes en wit zand. Voor veel backpackers is dit het hoogtepunt van hun reis door de Filipijnen, en je snapt binnen een halve dag waarom: overal waar je kijkt steken rotswanden recht uit turquoise water omhoog.
Het dorp zelf is een ander verhaal. El Nido Town is klein en leeft volledig van toerisme, met evenveel pizza en açaí op de kaart als Filipijnse gerechten. Je komt hier niet voor het dorp, je komt voor wat er in de baai ervoor ligt.
Een dag ziet er daarom meestal hetzelfde uit. ’s Ochtends stap je op een boot voor een eilandtocht, rond een uur of vijf ben je terug, en ‘s avonds kijk je vanaf het strand of vanaf de Corong Corong-kant naar de zonsondergang. Wie een dag geen boot wil, huurt een scooter naar Nacpan Beach of klimt Taraw Cliff op.
Houd er rekening mee dat El Nido aan het eind van Palawan ligt en dat elke route hierheen tijd kost. Vanaf Puerto Princesa rijd je vijf tot zes uur met de bus, en de snelboot naar Coron vaart niet dagelijks. Reken aan beide kanten op een halve reisdag.
Waar staat El Nido om bekend?
El Nido staat vooral bekend om Bacuit Bay: een baai met 45 eilanden waar kalkstenen kliffen recht uit zee omhoogkomen en waar lagunes achter smalle doorgangen verstopt liggen.
De bekendste daarvan zie je op Tour A. Big Lagoon, Small Lagoon, Secret Lagoon en Shimizu Island vormen de route waar de meeste foto’s van El Nido vandaan komen. In de Big Lagoon mag je inmiddels alleen nog met een kajak of te voet naar binnen.
Tour C is de tweede grote naam en wordt door veel backpackers zelfs mooier gevonden. Die gaat naar Helicopter Island, Hidden Beach, Secret Beach en de Matinloc Shrine, met het beste snorkelwater van de baai.
Aan land is Nacpan Beach de grote trekpleister: vier kilometer wit zand ten noorden van het dorp, een stuk rustiger dan het centrum. Dichterbij ligt Las Cabanas Beach, vijf kilometer ten zuiden, bekend als de zonsondergangplek van El Nido, met een zipline over het water.
En dan is er de rotswand boven het dorp. De klim naar het Taraw Cliff Viewpoint gaat over vlijmscherp kalksteen en mag alleen met gids, maar je kijkt bovenaan over heel Bacuit Bay uit.
Hoeveel dagen heb je nodig in El Nido?
Voor El Nido raden we 3 tot 4 dagen aan. De eilandtochten duren allemaal een hele dag, dus je hebt per dag maar ruimte voor één ding.
2 dagen: het absolute minimum. Je doet Tour A en Tour C en verder niets. Valt er een dag uit door het weer, dan houd je nog één tocht over.
3 dagen: wat ons betreft de ondergrens die prettig voelt. Twee tochten en een dag met de scooter naar Nacpan Beach, met de zonsondergang op Las Cabanas als afsluiter.
4 dagen of meer: fijn als je ook Taraw Cliff wilt klimmen, zelf de Big Lagoon in wilt kajakken of het binnenland op wilt met een scooter.
Wil je de meerdaagse expeditie van El Nido naar Coron varen, dan komen daar nog een paar dagen bij. Die boot slaapt onderweg op afgelegen eilanden en brengt je meteen naar je volgende stop.
Wat is de beste plek om te verblijven in El Nido?
Vrijwel alle backpackers slapen in El Nido Town, en dat is ook gewoon de logische keuze. Binnen het dorp is er wel verschil in sfeer.
El Nido Town: voor backpackers Het centrum ligt op loopafstand van de haven, waar vrijwel alle eilandtochten vertrekken. Hier zitten de meeste hostels, de touraanbieders, de cafés en de bars, en je loopt het hele dorp in een kwartier door.
De strandkant van het dorp: uitzicht op de baai Direct aan het water zit een rij hostels en beachbars met zicht op de eilanden. ’s Avonds grillen ze hier de vangst van die dag, en je zit alsnog binnen een paar minuten in het centrum.
Corong Corong: rustiger en gericht op de zonsondergang Net ten zuiden van het dorp is het stiller en kijk je precies de goede kant op als de zon zakt. Voor het uitgaan en de tourkantoren loop of tricycle je terug naar het centrum.
Welke plek raden wij backpackers aan?
Voor je eerste keer El Nido zouden wij gewoon in El Nido Town blijven. Je boekt je tochten een dag vooruit bij een kantoortje om de hoek en je staat ‘s ochtends binnen vijf minuten op de kade.
Op onze bestemmingspagina noemen we drie hostels die er bij backpackers uitspringen: Frendz Hostel El Nido voor de sociale sfeer, met een rooftopbar, zwembad en dagelijkse activiteiten, Outpost Beach Hostel als je direct aan het strand wilt zitten voor de zonsondergangen, en Happiness Hostel voor wie iets moderner en rustiger wil slapen zonder het centrum uit te hoeven.
Zoek je vooral rust, dan is de Corong Corong-kant een goed alternatief. En wil je zo goedkoop mogelijk zitten: een bed kost hier rond de 8 euro, een maaltijd zo’n 3 euro en een biertje ongeveer 1,20 euro, waarmee je op een dagbudget van ongeveer 25 euro uitkomt.
Wat kun je doen in El Nido?
Drie tot vier dagen ben je zo kwijt, en het speelt zich vooral op het water af: eilandtochten langs lagunes en verborgen stranden, met een klim of een scooterrit als afwisseling.
Onze vijf favorieten hebben we apart uitgewerkt in de highlights van El Nido.
Hoe kom je in El Nido?
De meeste backpackers komen vanuit Puerto Princesa, vijf tot zes uur met de bus naar het noorden. Vliegen kan ook: er gaan rechtstreekse vluchten vanuit Manila en Cebu op Lio Airport net buiten het dorp, maar daar betaal je al snel het viervoudige voor.
Kom je van onderweg op Palawan, dan ligt Port Barton op ongeveer drie uur rijden ten zuiden van El Nido. Dat is een logische tussenstop als je de rit vanaf Puerto Princesa wilt opknippen.
Verder de route op is Coron de gebruikelijke volgende stop, ongeveer vier uur met de snelboot. Die vaart niet elke dag en in het regenseizoen soms helemaal niet, dus check de dienstregeling voordat je je nachten vastlegt. Het alternatief is de meerdaagse expeditie, die dezelfde oversteek maakt maar er een paar dagen over doet.
Ter plekke heb je weinig nodig. Het dorp loop je in een kwartier door, en voor Nacpan en Las Cabanas huur je een scooter vanaf ongeveer 7 euro per dag of neem je een tricycle.
Is El Nido een bezoek waard?
Wat ons betreft wel, en voor veel backpackers is dit de plek die het langst bijblijft van hun hele reis door de Filipijnen. Nergens anders liggen zoveel lagunes, kliffen en lege stranden zo dicht bij elkaar.
Weet wel wat je krijgt. Je deelt de bekendste plekken met veel andere boten, El Nido is iets duurder dan de meeste bestemmingen in het land, en het dorp zelf is niet de reden dat je komt. Tel er ook de ecotaks van ongeveer 3 euro bij op, die geldt tien dagen voor alle tochten.
De risico’s zitten op het water en op de weg. Vraag voor vertrek of er genoeg zwemvesten aan boord zijn en hoeveel mensen er meegaan, want de goedkoopste tour is vaak de volste. Trek geen slippers aan op de scooter naar het noorden, want die weg heeft losse en kapotte stukken. Neem contant geld mee uit Puerto Princesa, want je kunt hier niet overal pinnen.
De beste maanden lopen van november tot en met mei, met november tot en met maart als de meest zekere periode: droog, zonnig en alle tochten varen.
Ons advies: boek Tour A meteen bij aankomst voor de volgende dag, want die zit snel vol, en houd één losse dag achter de hand voor het geval de boten een dag aan de kant blijven.