Krabi is niet één plaats maar een hele provincie aan de Andamankust van Zuid-Thailand, met kalkstenen rotsen die recht uit zee omhoog komen en tientallen eilandjes vlak voor de kust. Voor backpackers draait alles om Ao Nang, het strandplaatsje waar de boten vertrekken en de hostels staan.
Toeristisch is het zeker. De boulevard van Ao Nang staat vol met tourbureaus, massagesalons en restaurants met foto’s op de menukaart, en van een Thais vissersdorp is weinig over. Wat je ervoor terugkrijgt is gemak: bijna alles wat je hier wilt doen vertrekt vanaf hetzelfde strand.
Een dag begint doorgaans in een longtailboot. Je stapt aan boord voor Railay of een eilandtour, komt tegen zonsondergang terug en eet daarna aan de boulevard of op de nachtmarkt van Krabi Town. Wie liever landinwaarts gaat huurt een scooter voor een euro of zes en rijdt naar de hot springs, de Emerald Pool of de Tiger Cave Temple.
Het seizoen bepaalt hier meer dan op de meeste plekken in Thailand. Krabi ligt aan de Andamankust, dus droog is het van november tot en met april. Tussen mei en oktober regent het, zijn de prijzen lager en vallen boottochten met enige regelmaat uit.
Waar staat Krabi om bekend?
Krabi staat bekend om Railay, om het eilandhoppen en om de kalksteenrotsen waar klimmers uit de hele wereld voor komen.
Railay is een schiereiland dat door de rotswanden volledig van het vasteland is afgesloten, waardoor je er alleen per boot komt. Vanaf het strand van Ao Nang is het een kwartier varen met een longtail, en die overtocht langs de kust is meteen het mooiste stuk van de dag. Doorlopen naar Phra Nang Cave Beach hoort erbij.
Het eilandhoppen draait om de klassieke dagtocht langs vier eilanden: Koh Poda, Chicken Island en Tup Island, waar bij eb een zandpad tussen de eilandjes bloot komt te liggen. Ook de Hong Islands zijn een vaste keuze, met helder water tussen steile kalkwanden.
Klimmen is het tweede visitekaartje. Rond Railay liggen zo’n 700 uitgezette routes, van makkelijk tot zwaar, en veel scholen nemen ook mensen mee die nooit eerder aan een rots hebben gehangen. Een halve dag met gids en uitrusting kost vanaf ongeveer €30.
Landinwaarts is Krabi groener dan je vanaf het strand vermoedt. De Tiger Cave Temple met 1.237 treden naar de top, de Emerald Pool, de hot springs en het mangrovegebied van Ao Thalane waar je doorheen kajakt liggen allemaal op scooterafstand.
Verder is Krabi het knooppunt van de Andamankust. Phi Phi, Koh Lanta, Phuket en Khao Sok liggen allemaal binnen een paar uur, wat de plek net zo goed een overstappunt maakt als een bestemming.
Hoeveel dagen heb je nodig in Krabi?
Voor Krabi raden we 3 dagen aan. Dat is precies genoeg voor Railay, een dag op het water en een dag landinwaarts.
2 dagen: het minimum. Dag één Railay en Phra Nang Cave Beach, dag twee de tocht langs de vier eilanden. Voor het binnenland is er dan geen ruimte meer.
3 dagen: de klassieke verdeling. Railay, de eilanden en dan een dag met de scooter naar de Tiger Cave Temple, de Emerald Pool en de hot springs, of een halve dag klimmen in Railay.
4 dagen of meer: fijn als je niet elke ochtend vroeg op wilt. Ruimte voor kajakken door de mangroves bij Ao Thalane, een tweede boottocht naar de Hong Islands of gewoon een dag niets doen aan het strand.
Slaap je op Railay zelf, tel er dan een halve dag bij op. Je bent daar afhankelijk van de boot, en dat maakt heen en weer schieten een stuk minder aantrekkelijk.
Wat is de beste plek om te verblijven in Krabi?
De keuze gaat in de praktijk tussen drie plekken, en ze liggen dichter bij elkaar dan de reistijden doen vermoeden.
Ao Nang: voor backpackers Hier staan de meeste hostels, restaurants, beach bars en tourbureaus van de regio, en vanaf het strand vertrekken de boten naar Railay en de eilanden. Je hoeft er niets vooruit te plannen, want alles boek je de avond ervoor op de boulevard. Dit is ook de plek waar je het makkelijkst andere reizigers tegenkomt.
Krabi Town: lokaler en goedkoper Een half uur landinwaarts, met songthaews die de hele dag heen en weer rijden. Je slaapt en eet er goedkoper, en de nachtmarkt aan de rivier is een stuk authentieker dan de boulevard van Ao Nang. Het strand ligt wel steeds een ritje verderop.
Railay: strand en rotsen Wakker worden tussen de kalkwanden, met het water voor de deur en ‘s avonds nauwelijks verkeer. Slapen doe je meestal op Railay East. Reken op hogere prijzen en op boottijden waar je je aan moet houden.
Welke plek raden wij backpackers aan?
Kom je voor het eerst in Krabi, kies dan Ao Nang. Je zit op loopafstand van het strand, van de boten en van vrijwel elke tour die je zou willen doen, en dat scheelt je elke ochtend een rit.
Op onze bestemmingspagina noemen we drie hostels die er bij backpackers uitspringen: Nomads Ao Nang Beach als je komt voor de sociale kant, met zwembad, pub crawls en gezamenlijke activiteiten, K-Bunk AoNang Center voor een moderner bed op loopafstand van het strand en de bars, en Pak-Up Hostel in Krabi Town, al jaren de bekendste van de stad en handig als je vooral doorreist naar de eilanden.
Zoek je rust of wil je goedkoper uit zijn, dan is Krabi Town de betere keuze. Een bed kost in Krabi rond de zes euro en een maaltijd op de markt ongeveer twee, dus veel scheelt het niet in prijs. Wil je juist zo dicht mogelijk bij de rotsen slapen, boek dan een nacht op Railay East.
Wat kun je doen in Krabi?
Krabi is stranden, eilandhoppen, klimmen en een groen binnenland met tempels, warmwaterbronnen en mangroves.
Onze vijf favorieten hebben we apart op een rij gezet in de highlights van Krabi en Ao Nang.
Hoe kom je in Krabi?
Krabi heeft een eigen vliegveld en dat is voor de meeste backpackers de snelste route. Vanuit Bangkok ben je er in ongeveer 80 minuten, vaak voor niet veel meer dan de bus kost. Over land rijdt de nachtbus vanuit Bangkok in ongeveer twaalf uur.
Kom je uit het zuiden of het westen, dan zit je vanuit Phuket in twee uur met de bus in Krabi en vanuit Khao Sok in drie. Vanaf de eilanden vaar je terug: Phi Phi ligt op anderhalf uur en Koh Lanta op twee uur varen.
Ga je verder de route op, dan werkt dat net zo goed andersom. Phi Phi en Koh Lanta zijn de logische volgende stops, Khao Sok als je liever de jungle in gaat, en vanaf Krabi vlieg je zo terug naar Bangkok.
Ter plekke rijden songthaews tussen Krabi Town en Ao Nang, een rit van een half uur. Railay bereik je alleen per longtail vanaf het strand van Ao Nang, voor ongeveer €3 per persoon. Wil je het binnenland in, dan huur je een scooter vanaf een euro of zes per dag.
Is Krabi een bezoek waard?
Wat ons betreft wel, zolang je weet dat je in het toeristische deel van Zuid-Thailand zit. Ao Nang is geen ontdekking en de boulevard voelt op sommige avonden als één lange tourwinkel, maar de rotsen, het water en de eilanden eromheen zijn dat helemaal waard. Met een dagbudget van rond de twintig euro blijft het bovendien betaalbaar.
Krabi is veilig. De risico’s zitten in het water en op de rots, niet op straat. Zwem niet bij Railay als de rode vlag staat, want de stroming tussen de rotsen is sterk. Let bij eb op Tup Island op het zandpad, dat sneller verdwijnt dan je denkt. Ga alleen klimmen met een school die je de uitrusting laat zien, en maak foto’s van bestaande schade voordat je een jetski of scooter meeneemt.
Verder een paar praktische dingen. Vraag bij een longtail naar Railay altijd of er een terugvaart is en tot hoe laat. Neem water en goede schoenen mee naar de Tiger Cave Temple, want 1.237 treden in de hitte is geen wandeling. En voer de apen bij Phra Nang Cave Beach niet, hoe brutaal ze ook worden.
De beste maanden zijn november tot en met april: droog, zonnig, kalme zee en helder water. Mei tot en met augustus is goedkoper en groener maar met buien in de middag, en september en oktober zijn de natste maanden, met een ruwe zee waardoor boottochten geregeld niet doorgaan.
Ons advies: boek je longtail naar Railay voor de vroege ochtend. De dagtoeristen komen pas later, en tot een uur of tien heb je Phra Nang Cave Beach bijna voor jezelf.